Grote Prijs van Nederland

Muziek/Muziektheater
Aangevraagd: € 75.000
Toegekend: € 0
Toegekend 2013-2016: n.v.t.

Inleiding

Voor de Grote Prijs van Nederland staat de ontwikkeling van talent centraal: muzikanten begeleiden naar een duurzame en artistiek waardevolle carrière, waarbij ze ruimte krijgen om te experimenteren. De organisatie gelooft dat voor een structurele carrière meer nodig is dan alleen talent en wil met de combinatie van competitie en ontwikkeltrajecten een brug slaan tussen de muzikant, de sector en het publiek. Om publieksbinding te versterken heeft de Grote Prijs van Nederland in 2015 een online community gelanceerd, waarop deelnemers direct interactie aan kunnen gaan met hun publiek. Ook wil de organisatie met de online community media en muziekprofessionals de mogelijkheid geven de competitie en de ontwikkeling van de artiesten te volgen. De competitie, het ontwikkelingstraject en de online community zijn volgens de Grote Prijs van Nederland complementair aan elkaar: de combinatie tussen online en offline zorgt ook buiten de competitie-periode voor zichtbaarheid voor muzikanten, muziekprofessionals en publiek. De Grote Prijs van Nederland wil met een groot netwerk en een breed profiel, met ruimte voor hiphop, bands en singer-songwriters, de Nederlandse popmuziek voorzien van een talentontwikkelingstraject dat toegankelijk is voor deelnemers, en dat van een hoogwaardig niveau is en daarmee een breed publiek trekt. De Grote Prijs van Nederland zegt een bijzondere positie in te nemen binnen de ontwikkelketen van muziekscholen, vakonderwijs en de arbeidsmarkt. Organisaties zoals de Kunstbende, GRAP, Marmoucha, Paradiso Melkweg Productiehuis en CJP, die zich evenals de Grote Prijs van Nederland zich richten op nieuw talent, zijn vaste partners.

Voor de periode 2017-2020 bestaat de wens de organisatie financieel gezonder te maken. De Grote Prijs van Nederland wil de private inkomsten ten opzichte van de structurele subsidies significant laten stijgen. Het bestuur van de organisatie zal werken volgens de principes van de Governance Code Cultuur. De organisatie wil gaan werken met een nieuw en gedreven team aan personeel, jury en coaches, dat gelooft in de kracht en de potentie van de Grote Prijs van Nederland en haar deelnemers. De organisatie zal zich in de nieuwe kunstenplanperiode richten op het ontwikkelingstraject voor deelnemers en winnaars, de online community, genre-overstijgende allianties, inspiratie-events en de ontwikkeling van solide financiering.

In het kader van het Kunstenplan 2017-2020 vraagt De Grote Prijs van Nederland een subsidiebedrag van gemiddeld € 75.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. De organisatie heeft haar visie goed verwoord en schetst een duidelijk beeld van de beoogde ontwikkelingen op de langere termijn in relatie haar positie binnen de culturele keten. De activiteiten die de organisatie gaat uitvoeren vloeien hier logisch uit voort, houden verband met elkaar en geven blijk van een duidelijk beeld van het publiek dat zij ermee denkt te bereiken.

De commissie constateert dat de Grote Prijs van Nederland veel talenten weet te bedienen. Ook heeft de organisatie oog voor een goede begeleiding van de deelnemers tot een jaar na de prijsuitreiking. De commissie heeft vertrouwen in het vakmanschap van de mensen die op artistiek-inhoudelijk vlak bij de organisatie betrokken zijn. De strategie om in zowel aanloop als in nazorg te investeren in de talentbegeleiding (artistiek-inhoudelijk, zakelijk en op marketinggebied), is in de ogen van de commissie een inhoudelijke benadering waarmee het belang en de aantrekkingskracht van de competitie wordt verhoogd. Dit is van invloed op de zeggingskracht: de Grote Prijs van Nederland weet een brede groep deelnemers aan te spreken en een groot publiek te interesseren.

De commissie heeft echter bedenkingen bij de positie van de organisatie in de huidige tijd. Mede als gevolg van de stormvloed aan talentenjachten van de afgelopen jaren, heeft de organisatie aan uniciteit ingeboet. Ook vervullen steeds meer producers en opleidingen een rol die overlapt met die van Grote Prijs van Nederland. Het is voor de commissie niet duidelijk hoe de organisatie zich tot deze toegenomen concurrentie verhoudt en hoe de Grote Prijs haar vooraanstaande positie denkt te behouden.

Daarbij raakt de afzetmarkt voor musici en bands verzadigd en biedt die niet voldoende ruimte en kansen meer om alle talenten een (professioneel) podium te geven. In het ondernemingsplan is geen analyse gemaakt van de afzetmarkt voor talent, noch blijkt een visie op de druk die ligt op de speelplekken. De commissie vindt een gedegen visie hierop van belang, mede vanwege de ambitie om talenten te laten doorstromen en hen te ondersteunen om een inhoudelijk interessante carrière te kunnen ontwikkelen.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als zwak. Het zakelijke deel is uitgebreid en behandelt de verschillende aspecten van de organisatie. De begroting bij de aanvraag weet de commissie echter niet te overtuigen van de haalbaarheid van de gestelde doelen. Het verdienmodel dat gehanteerd wordt bestaat hoofdzakelijk uit inkomsten uit publiek en subsidie. De organisatie focust weliswaar ook op sponsoren, maar volgens de resultaten uit de afgelopen periode en de relatief lage begrote bijdrage van private fondsen, zonder noemenswaardig resultaat. In de ogen van de commissie is het businessmodel te beperkt en zou het mogelijk moeten zijn ook inkomsten uit artiestenbijdragen (opleiding) of platenmaatschappijen en artiestenbureaus te verwerven. Voor deze ondernemingen wordt er in dit concours namelijk waarde gecreëerd of dit overwogen is, wordt niet in het plan vermeld.

De afhankelijkheid van subsidiegevers is groot. De organisatie geeft geen blijk van een intentie om deze afhankelijkheid te verminderen. Integendeel, er wordt meer aangevraagd dan voorheen, terwijl de aard en de omvang van de activiteiten nagenoeg hetzelfde blijven. Ook wordt niet gemotiveerd waarom de organisatie aanklopt bij de gemeente Amsterdam, gezien de landelijke functie en uitstraling die de Grote Prijs van Nederland heeft. Het strategisch plan geeft hierin geen inzicht: het is abstract en weinig concreet.

De organisatie werkt met een bestuur. Er wordt niet ingegaan op de verdeling van taken en bevoegdheden tussen het bestuur, de directie en de rest van de organisatie. Het is niet duidelijk of het bestuur zijn eigen functioneren jaarlijks evalueert. De organisatie formuleert geen concrete visie en aanpak op de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. De voornemens voor 2017-2020 liggen in het verlengde van eerder publieksbereik. Er zijn verschillende doelgroepen geformuleerd waarop de marketingstrategie is afgestemd. Deze sluit aan bij het beoogde bereik van publiek en deelnemers. Onderdeel van die strategie zijn samenwerkingen met andere talentontwikkelaars en podia zoals Paradiso, Likeminds, Spin Off en Grap, en daarnaast met landelijke media en gespecialiseerde pers, en met relevante merken zoals G-STAR en Sonos.

De commissie vindt de plannen voor het opbouwen van een (online) community interessant. Echter, het online publieksbereik is vooralsnog onduidelijk en in de aanvraag niet concreet gemaakt.

Uit het ondernemingsplan is niet gebleken of de Grote Prijs van Nederland de afgelopen jaren aan publieksonderzoek heeft gedaan en of zij dat in de periode 2017-2020 zal gaan doen. De organisatie heeft geen uitgesproken visie op de culturele diversiteit van het publiek en de deelnemers geformuleerd.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als voldoende. De Grote Prijs van Nederland werkt samen met culturele organisaties in de stad en het land. Een structurele en substantiële coalitiepartner is Paradiso. Er is een groot Amsterdams netwerk, maar dat wordt in de aanvraag niet toegelicht. De beoogde samenwerkingsverbanden liggen in het verlengde van eerdere samenwerking. De organisatie verbindt zich niet met stedelijke vraagstukken, bewoners of de buurt en/of andere maatschappelijke organisaties in de stad.

De commissie beoordeelt de spreiding als voldoende. De organisatie is in Amsterdam voornamelijk actief in de stadsdelen Centrum en Oost. Deze ligt in het verlengde van de eerdere spreiding van activiteiten en publiek in de stad: de voorrondes worden georganiseerd in verschillende stadsdelen en de finale vindt plaats in stadsdeel Centrum. Er is in het ondernemingsplan geen visie op de spreiding van activiteiten en publiek in de stad geformuleerd.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van Grote Prijs van Nederland niet te honoreren.