Theater Terra

Theater
Aangevraagd: € 75.000
Toegekend: € 0
Toegekend 2013-2016: € 0

Inleiding

Theater Terra is een theatergezelschap dat zich richt op jeugd in de grote zalen van theaters in Nederland en in het buitenland. De artistieke visie van Theater Terra vertaalt zich in beeldend theater, waarbij poëtische of avontuurlijke verhalen worden verteld, met poppenspel, decors, acteurs, muziek en liedjes. Theater Terra bestaat bijna 40 jaar en is gevestigd in Amsterdam, maar heeft zich de afgelopen jaren voornamelijk op de landelijke en internationale markt gericht.

Vanaf 2017 wil Theater Terra een verbinding aangaan met haar vestigingsplaats Amsterdam, door het vormen van een coalitie met de Frank Sanders’ Akademie (FSA) voor Muzikaal theater en Theaterstudio Amsterdam. De Frank Sanders’ Akademie is een in Amsterdam gevestigde professionele meerjarige beroepsopleiding voor uitvoerende podiumkunsten, gericht op het uitvoeren en maken van beeldend theater, waarbij muziek een belangrijke rol speelt. Theaterstudio Amsterdam is een kleine zaal voor beeldend theater en muziektheater, gevestigd in Amsterdam West. Met deze partijen wordt een traject opgezet voor talentontwikkeling, gecombineerd met produceren en presenteren in de Theaterstudio Amsterdam.

Het talentontwikkelingstraject bestaat eruit dat jaarlijks studenten van de FSA door Theater Terra opgeleid worden tot professionele poppenspelers, waarna enkele van hen de kans krijgen als stagiair-acteur onderdeel te worden van een grote zaal-voorstelling van het gezelschap. Daarnaast worden door het artistieke kernteam van Theater Terra masterclasses gegeven. Met de hele groep studenten, die onderdeel zijn van het traject, wordt vier keer per jaar een voorstelling geproduceerd en gepresenteerd met elk 20 uitvoeringen in Theaterstudio Amsterdam. Deze voorstellingen worden gespeeld voor een publiek van kinderen en families uit Amsterdam West, die daarmee voor een laag entreebedrag een voorstelling van Theater Terra kunnen bezoeken. Voor het samenwerkingstraject met de Frank Sanders' Akademie en Theaterstudio Amsterdam wordt de komende periode subsidie aangevraagd.

Theater Terra vraagt in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een subsidie van € 75.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als zwak. Theater Terra formuleert geen inhoudelijke visie met betrekking tot talentontwikkeling. Wat in het ondernemingsplan omschreven wordt, is de invulling van een onderdeel binnen het curriculum van en particuliere opleiding, de Frank Sanders' Akademie. De commissie is van mening dat de studenten zich met de in het ondernemingsplan beschreven opzet onvoldoende ontwikkelen tot acteurs in het beeldend theater met een eigen artistiek profiel. Dit komt doordat zij voornamelijk kennis lijken te maken met de werkwijze van Terra en geen sprake is van een brede invulling van talentontwikkeling, dan wel interessante samenwerkingen met andere partijen. Daarmee draagt het beschreven samenwerkingstraject onvoldoende bij aan de ontwikkeling van hun vakmanschap en hun oorspronkelijkheid.

De commissie vindt het jammer dat er weinig sprake is van experiment: de producties die binnen dit traject worden gerealiseerd zijn, evenals de professionele producties van Terra, gebaseerd op bestaande verhalen voor kinderen waar de studenten in meespelen. Ook wordt zo geen brug geslagen naar nieuw publiek, wat voor de studenten van de Frank Sanders' Akademie kansen zou kunnen bieden met de voorstellingen een eigen publiek aan te spreken.

De commissie beoordeelt het vakmanschap, voor wat betreft het maken van de poppen die in voorstellingen van Terra worden gebruikt, als goed. Ze vindt het spel van de acteurs die aan Terra zijn verbonden echter van wisselende kwaliteit. Hierdoor is er ook twijfel over de kwaliteit die zij daarbij aan studenten over het vak kunnen overbrengen. Daarnaast mist de commissie een inhoudelijke motivatie voor de exclusieve samenwerking van Theater Terra met de Frank Sanders' Akademie. De commissie denkt dat het de zeggingskracht van het talentontwikkelingstraject voor de deelnemers ten goede zou komen, wanneer studenten van verschillende theateropleidingen elkaar zouden treffen, de commissie is van mening dat een kruisbestuiving hun meer nieuwe inzichten zou verschaffen.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als zwak. De bedrijfsvoering van Theater Terra is over het geheel genomen gezond, vooral door de goede verkoop van de voorstellingen van Terra als gezelschap. Echter, op de zakelijke organisatie van en samenwerking binnen het omschreven talentontwikkelingstraject, waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, wordt helaas niet ingegaan. De activiteiten rond talentontwikkeling maken een klein deel uit van het totaal aan activiteiten van Theater Terra. De bijgeleverde begroting heeft betrekking op alle activiteiten en zoomt nauwelijks in op de kosten en inkomsten van het talentontwikkelingstraject. Daardoor is niet aantoonbaar of het binnen de begroting realistisch en haalbaar is om de voorgenomen activiteiten te realiseren. Daarnaast is de mix van inkomsten met betrekking tot dit talentontwikkeling onderdeel niet inzichtelijk. Zo is het onduidelijk wat het financiële aandeel van de Frank Sanders' Akademie en dat van Theaterstudio Amsterdam is.

De commissie vindt dat een dergelijke invulling van een onderdeel van het onderwijscurriculum van de Frank Sanders' Akademie ook door deze particuliere opleiding gefinancierd zou moeten worden. Ook komt uit de aanvraag niet naar voren wat het eigen inkomstenpercentage voor dit specifieke onderdeel is. In de aanvraag wordt daarmee niet duidelijk gemaakt hoe de aangevraagde subsidie wordt ingezet. Met betrekking tot het bestuur valt op dat in het bestuursverslag van 2014 expliciet melding wordt gemaakt van het feit dat het bestuur, gezien de financiële positie van de stichting, van bezoldiging afziet.

De commissie wijst erop dat binnen de Governance Code Cultuur geen sprake kan zijn van bezoldiging van bestuursleden. De organisatie is tot op heden weinig cultureel divers en een concreet plan van aanpak ter verbetering hiervan ontbreekt.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als voldoende. De studenten voor het beschreven talentontwikkelingtraject worden via de Frank Sanders' Akademie bereikt, de inspanningen van Terra hierin zijn niet duidelijk. Dat deze studenten zich vervolgens ook als publiek binden aan de voorstellingen van Terra is naar oordeel van de commissie niet vanzelfsprekend.

De voorstellingen in Theaterstudio Amsterdam worden als resultaat van het beschreven talentontwikkelingtraject voor publiek gepresenteerd, Theater Terra verwacht hiermee een doelgroep te bereiken van ouders en kinderen, die op een laagdrempelige manier en voor een lage toegangsprijs een voorstelling van Theater Terra kunnen bijwonen. De commissie staat hier positief tegenover, maar de marketinginspanningen rond deze voorstellingen zijn minimaal uitgewerkt. De commissie denkt dat de bekendheid van het gezelschap zeker een bepaalde aantrekkingskracht zal hebben op een brede doelgroep en dat het daardoor bestaande én nieuwe doelgroepen zal trekken.

Toch is de commissie van mening dat de aanvrager zich nader had kunnen buigen over de verschillende instrumenten die kunnen worden ingezet om het publiek vast te houden en uit te breiden, buiten de inspanningen die door de podia en door een marketingbureau worden ondernomen. In het ondernemingsplan wordt bovendien niet expliciet ingegaan op hoe een cultureel divers samengesteld publiek wordt aangesproken.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als zwak. Uit de plannen blijken geen verbindingen met stedelijke vraagstukken, de bewoners van de stad, de buurt waarin aanvrager gevestigd is of met andere culturele of maatschappelijke organisaties. De verbindingen die worden gelegd met de Frank Sanders’ Akademie, zijn voornamelijk gericht op het eigen opleidingstraject van deze particuliere organisatie en daarnaast niet inhoudelijk gemotiveerd of toegelicht. Er is geen duidelijke verankering in Amsterdam, de organisatie richt zich met activiteiten ook grotendeels op plekken buiten de stad.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. De activiteiten vinden in grote mate plaats in Nieuw-West en West en leveren hiermee een bijdrage aan de spreiding van het cultuuraanbod over de stad en het publieksbereik daarvan.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van Theater Terra niet te honoreren.