ELIA-European League of Institutes of the Arts

BFNA
Aangevraagd: € 58.625
Toegekend: € 0
Toegekend 2013-2016: n.v.t.

Inleiding

De vereniging European League of Institutes of the Arts (ELIA) is een netwerk van 300 kunstvakopleidingen in Europa, Azië, Noord-Amerika en Australië. Vanaf 2009 realiseert de organisatie het jaarlijks festival NeuNow in wisselende Europese steden. Sinds 2015 vindt het festival plaats in Amsterdam, in samenwerking met en op het terrein van de Westergasfabriek. Doelstelling van het festival NeuNow is het internationaal onder de aandacht brengen van de beroepspraktijk van jonge kunstenaars uit Nederland, Europa en daarbuiten. Dit vanuit de visie dat het voor jonge kunstenaars essentieel is om in een internationale en interdisciplinaire context te kunnen werken om interculturele competenties en cultureel ondernemerschap te ontwikkelen.

Een internationale vakjury van kunstprofessionals maakt een selectie uit genomineerde projecten van net afgestudeerde kunstenaars. Jaarlijks stellen gastcurator/gastprogrammeur op basis daarvan het festival samen. Met festival NeuNow wil de organisatie jonge kunstenaars een platform in een interdisciplinaire setting, festival en expositie ineen bieden. Artistieke opvattingen en werkwijzen worden uitgewisseld en er ontstaan samenwerkingsprojecten tijdens het festival. Hierop biedt de organisatie kritische feedback, trainingen, workshops en seminars om de internationale carrière van de kunstenaars te bevorderen.

Vanaf 2017 biedt NeuNow aan vijf deelnemende kunstenaars residencies aan en vanaf 2018 wordt het festival met een weekend uitgebreid, om meer te kunnen programmeren voor een groter publieksbereik. Naast Prix Europe (Berlijn), Art Basel, South Bank (Londen) en Foam, wordt met kunstinstellingen in Nederland en elders in Europa overeengekomen werk van geselecteerde kunstenaars te programmeren of hen verder te ontwikkelen. De trainingen in cultureel ondernemerschap worden als modules in toolkits opgenomen die online beschikbaar zijn. In samenwerking met The Arab Fund for Arts and Culture (AFAC) worden vanaf 2017 drie kunstenaars uit de Arabische regio in West-Europa uitgenodigd voor het festival. Voor de verdere ontwikkeling van NeuNow gaat de festivalorganisatie verzelfstandigen, maar er blijft een bestuurlijke verbinding met ELIA en zijn netwerk van Europese kunstscholen. De eigen financiële bijdrage van ELIA aan het festival stopt vanaf 2017.

De subsidie die aan het AFK wordt gevraagd bedraagt gemiddeld € 58.625 per jaar en is alleen bedoeld voor de NeuNow-activiteiten.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als zwak. ELIA stelt in zijn visie het bevorderen van de beroepspraktijk van jonge kunstenaars in alle disciplines voorop, zowel in artistieke zin als in cultureel ondernemerschap. Deze visie vloeit voort uit de positie die de organisatie inneemt. Uitwerking van deze visie komt naar mening van de commissie slechts gedeeltelijk terug in de activiteiten. Die zijn vooral faciliterend en niet zo zeer artistiek-inhoudelijk. De samenhang van de programmering is vooral terug te vinden in de netwerk- en kennisactiviteiten. De commissie mist uitwerking van gelaagde, artistiek-inhoudelijke programmaonderdelen. De visie van de organisatie voor de komende periode is in de ogen van de commissie weinig artistiek-inhoudelijk richtinggevend.

De artistiek-inhoudelijke keuzes worden overgelaten aan de artistieke directie, gastcuratoren en een vakjury, die op basis van vrij algemene selectiecriteria beslissen over de selecties van kunstenaars die getoond gaan worden tijdens het festival. De huidige artistieke directie stopt echter na de editie NeuNow van 2016. Wie de opvolger(s) zijn wordt niet benoemd in het plan. Hetzelfde geldt voor de gastcuratoren: onduidelijk is wie dat zullen zijn. Ook de vakjuryleden worden de komende periode vervangen. Deze omstandigheden, in combinatie met de magere artistiek-inhoudelijke uitwerking van het ondernemingsplan, zorgen ervoor dat de commissie geen helder beeld heeft van de artistieke koers die het festival gaat varen.

De commissie ziet vakmanschap in de kennisdeling en productie van het festival. Zij is echter minder overtuigd van het vakmanschap op het gebied van kunstenaarsselectie en daarmee van de toegevoegde waarde van het festival op het aanbod in de stad. De commissie vindt de zeggingskracht van de kunstenaarsselecties van de afgelopen jaren van wisselend niveau. Zij is van mening dat deze selecties niet op consistente wijze recht doen aan het streven van de organisatie om werk te laten zien "dat de meest veelbelovende, grensverleggende, net afgestudeerde kunstenaars uit Europa presenteert". Het zijn in de ogen van de commissie doorgaans niet de kunstenaars die later als groot talent komen bovendrijven of waar andere instellingen gelijkwaardige kwaliteit in zien. Voor een regulier in film en kunst geïnteresseerd publiek biedt een bezoek aan andere filmfestivals en kunstevenementen volgens de commissie al snel meer zeggingskracht. Ook voor professionals, zoals curatoren en programmeurs, lijkt het festival vooralsnog niet echt bepalend. Uitzonderlijk getalenteerde kunstenaars worden bovendien doorgaans ook buiten de eigen schoolkanalen herkend en komen daarmee vaak snel binnen het blikveld van de grote festivals, galeries en instellingen.

De commissie vindt het voorstelbaar dat het festival voor de doelgroep van net afgestudeerde kunstenaars, jonge makers en educatieprofessionals van academies wel aansprekend kan zijn vanwege de netwerkmogelijkheden, kennis en ervaring met het maken van een internationale presentatie. De commissie vindt het echter onduidelijk wat het effect voor de kunstenaars is van een presentatie tijdens NeuNow. Er zijn geen concrete voorbeelden uitgewerkt in het plan in hoeverre de internationale carrièrekansen van de kunstenaar daadwerkelijk vergroot zijn. De organisatie lijkt de kunstenaars na de presentatie niet meer te volgen, of maakt dat in ieder geval niet zichtbaar op de website en in de voorgelegde plannen.

De commissie is van mening dat de interdisciplinaire opzet van het festival op zich onderscheidend is ten opzichte van ander aanbod in de stad. De internationale benadering vindt de commissie daarentegen niet per se onderscheidend als gekeken wordt naar de internationale netwerken en de internationale kunstenaars, waarmee instellingen als de Rietveldacademie, de Appel, de Rijksakademie, of ICK werken.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als zwak. ELIA vraagt aan voor het festival NeuNow, maar NeuNow wordt in 2016 als organisatie verzelfstandigd. Er blijft wel een bestuurlijke verbinding met ELIA, maar voor NeuNow wordt een aparte stichting opgericht en de eigen financiële bijdrage van ELIA aan het festival stopt vanaf 2017. De medewerkers, voor zover in dienst, worden vanuit ELIA aan het festival gedetacheerd. ELIA stopt de bijdrage omdat, zoals de organisatie het zelf verwoordt, "het festival dient te verzelfstandigen". Waarom verzelfstandiging gewenst is, wordt niet toegelicht in de plannen.

De aanstaande verzelfstandiging maakt het moeilijk voor de commissie om de toekomstige bedrijfsvoering van de organisatie NeuNow in te schatten: ELIA is voornemens de activiteiten in de zeer nabije toekomst niet meer zelf uit te gaan voeren, maar daarvoor feitelijk een nieuwe organisatie te bouwen. Op grond daarvan kan de commissie niet constateren of er sprake zal zijn van een gezonde bedrijfsvoering die voldoende basis geeft om de voorgenomen programmering en het beoogde publiek de komende vier jaar te bereiken, en of de begroting realistisch en haalbaar is. Wel is duidelijk dat de financiële situatie van de aanvragende organisatie ELIA eind 2014 precair is, met een fors negatieve financiële reserve; die is veroorzaakt door substantiële verliezen in 2013 en 2014. De accountant geeft zelfs een continuïteitswaarschuwing af, maar geeft daarbij ook aan dat het tekort in 2015 aangezuiverd kan worden. Cijfers over 2015 heeft de organisatie echter niet aangeleverd, waarmee onduidelijk is of het voornemen van aanzuivering ook is gerealiseerd. De meegeleverde meerjarenbegroting van de nieuwe stichting NeuNow laat jaarlijks een resultaat van € 0 zien. Zodoende is het niet aannemelijk dat NeuNow een weerstandsvermogen op kan bouwen. In het plan staat verder niets beschreven over de financiële uitgangspositie bij oprichting. Deze forse onzekerheden geven de commissie op dit moment onvoldoende vertrouwen in een gezonde bedrijfsvoering.

ELIA heeft een mix van inkomsten, maar haalt voor een programma dat gedeeltelijk gaat over cultureel ondernemerschap opvallend weinig uit de markt. In de periode 2017-2020 verwacht de organisatie een doelpercentage eigen inkomsten van 22% oplopend naar 31% te behalen. De reden dat er in 2017 minder dan 25% eigen inkomsten zijn is dat ELIA stopt met haar eigen bijdrage aan het festival vanaf 2017. Hierdoor valt de inkomsten quote in 2017 tijdelijk sterk terug. In 2018 komt deze volgens de prognose weer boven de 25%.

De commissie is van mening dat de haalbaarheid van de begroting twijfelachtig is. Over de relatief lage publieksinkomsten zegt ELIA dat deze samenhangen met de aard van het festival, dat vooral is gericht op een jong publiek met verhoudingsgewijs veel studenten. De organisatie hanteert daarom bewust een lage toegangsprijs, om de toegankelijkheid voor de doelgroep zo groot mogelijk te maken. Dat kan in de ogen van de commissie op zich een legitieme keuze zijn. De commissie mist alleen creativiteit in het bedenken van alternatieven die de eigen inkomstenmix dan wel kunnen versterken. Het festival is namelijk voor ongeveer de helft van de baten afhankelijk van één Europese subsidie die eind 2017 afloopt. De organisatie zegt hier zelf over: "Gezien het trackrecord van ELIA in het verwerven van Europese subsidie, is de verwachting dat een aanvraag eind 2016 voor de periode 2018-2020 zeer kansrijk is". De commissie ziet hier echter een aanzienlijk risico, omdat de nieuwe stichting NeuNow dat trackrecord nog niet heeft. Positief is dat er een vriendenkring wordt opgezet om sponsors te werven. Deze verkeert echter nog in een pril ontwikkelingsstadium.

Bestuur en toezicht van ELIA volgt de Governance Code Cultuur, maar omdat de verzelfstandiging van NeuNow nog moet plaatsvinden, is niet zeker dat ook de nieuwe rechtspersoon hieraan zal voldoen. Het plan benadrukt wel dat ook bij de nieuwe stichting de code wordt geïmplementeerd. Daarbij is het uitgangspunt dat NeuNow als zelfstandige stichting functioneert, maar met een bestuurlijke verbinding met de ‘moederorganisatie’ ELIA. Culturele diversiteit wordt genoemd in het kader van de programmering en de deelnemers, maar niet op het gebied van organisatie en bestuur.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als voldoende. De organisatie heeft een visie op het uitbouwen van het publieksbereik. NeuNow heeft een publieksbereik van 5000 bezoekers en streeft naar 7000 bezoekers in 2020. Doelgroepen zijn regulier publiek, studenten, jonge makers en professionals. Verder wil men het online bereik laten groeien van 15.000 in 2016 naar 25.000 in 2020. De organisatie heeft daartoe een aantal doelgroepen benoemd. De commissie vindt het absolute fysieke publieksbereik, de stijging meegerekend, laag in verhouding tot de kosten en de Europese uitstraling die het project beoogt te hebben. De organisatie heeft geen publieksonderzoek gedaan en is ook niet voornemens dat in de toekomst te gaan doen. In de ogen van de commissie maakt de inzet van het grote netwerk waar de organisatie over beschikt aannemelijk dat het kernpubliek van jonge makers en professionals bereikt wordt.

De organisatie geeft in de plannen aan dat "de website en sociale media bij de (inter)nationale marketing de belangrijkste tools zijn". Voor een organisatie die Europese aanwezigheid claimt vindt de commissie het aantal Facebook-, Twitter- en Instagramvolgers echter gering en weinig vertrouwen geven in de effectiviteit van de digitale strategie. De ambitie voor verhoging van het aantal bezoekers op de website is beschreven in online pageviews. Onduidelijk is of het daarmee over unieke bezoekers gaat. Voor bereik van de andere, meer reguliere doelgroepen, constateert de commissie dat de uitwerking in marketingmiddelen nog dermate breed is dat onduidelijk is of groei realistisch is. Culturele diversiteit is via de deelnemers geborgd, maar er is geen uitgesproken visie of programma over opgenomen in de aanvraag.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als voldoende. Er wordt met de Rietveldacademie, de AHK, de Westergasfabriek en Foam in verschillende gradaties samengewerkt. Daarnaast is er een aanzienlijk internationaal netwerk. Maatschappelijke verbinding blijkt niet uit de plannen.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. Het merendeel van de activiteiten vindt plaats in stadsdeel West.

Conclusie

Op grond van bovenstaande overwegingen adviseert de commissie de aanvraag van de vereniging European League of Institutes of the Arts niet te honoreren