Stichting De Gemeenschap

Theater
Aangevraagd: € 40.000
Toegekend: € 40.000
Toegekend ’13-’16: n.v.t.

Inleiding

De Gemeenschap is een theatergezelschap dat zowel artistiek als zakelijk wordt geleid door Roy Peters. De voorstellingen hebben een mime-karakter en zijn gebaseerd op de stelling dat lichaam en ruimte in het theater voorafgaan aan het woord. Peters begint naar eigen zeggen altijd vanuit een open houding en ontvankelijkheid en zoekt van daaruit naar connecties met andere uitingsvormen. De Gemeenschap wil een van de dragers van de mime zijn door zich aan te sluiten bij de traditie die de afgelopen decennia is ontstaan, door eraan bij te dragen dat die traditie zich blijft ontwikkelen, door zich te manifesteren in het mime-onderwijs en door afgestudeerde mimespelers een werkplek te blijven bieden.

De Gemeenschap heeft de afgelopen jaren gemiddeld één keer per seizoen een nieuwe voorstelling uitgebracht. De meeste stukken zijn in première gegaan in Theater Frascati in Amsterdam. Kenmerkend voor de voorstellingen zijn volgens De Gemeenschap zelf de zorgvuldige manier waarop Roy Peters omgaat met de theaterelementen lichaam, beweging, tijd en ruimte; de belangrijke plek die tekst in veel van de stukken inneemt; de donkere humor en de manier waarop er met een ‘queer’ levensgevoel als het ware van buiten naar de wereld wordt gekeken.

In de periode 2017-2020 ontplooit De Gemeenschap zeven activiteiten: De Shakespeare Club (2017), een toneelstuk over een koningin die het moeilijk heeft met haar kinderen die er heel eigen levensopvattingen op na houden; Romp (2017-2018), een voorstelling over afscheid en onbegrip, over sterven en over een lichaam dat niet meer kan wat het wil; het Klein Gemeenschap Festival waarin de bestaande voorstellingen Colombina en Stand up, lie down gespeeld worden en het vernieuwde stuk Gemeenschap 2018; de voorstelling Kuijpers&Co (2018-2019), over de vermenging van professionele en persoonlijke banden in het werk; Herfstsonate, een toneelstuk over groepsprocessen en individuele keuzen; HomoDuo (2019), over stuk over afgunst en concurrentie, over tegen wil en dank met elkaar verbonden zijn. Vanaf 2017 wordt het premièretheater de Toneelschuur in Haarlem en in Amsterdam zal Theater Bellevue de thuisbasis worden van De Gemeenschap. Daarnaast heeft De Gemeenschap het plan een festival te organiseren en presenteert het gezelschap in samenwerking met Ostade A'dam culturele salons: L’Usine op Zuid, die jaarlijks vier zondagmiddagen plaatsvinden en waarin gasten uit de kunst, de wetenschap en andere levensterreinen vertellen wat hen bezighoudt, gelardeerd met muziek- en theateroptredens.

De Gemeenschap vraagt voor de activiteiten in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een subsidie van € 40.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als goed. De Gemeenschap heeft een sterke artistiek-inhoudelijke visie geformuleerd waaruit ambitie spreekt. Het plan laat zien dat heldere inhoudelijke keuzes gemaakt zijn voor de producties en het artistiek team waarmee wordt gewerkt. Het overkoepelende thema in de programmering, de emancipatie van de buitenstaander, komt voort uit een persoonlijke interesse van de artistiek leider, maar het is dusdanig uitgewerkt in aansprekende thematiek en aanstekelijke spelvormen dat het naar de mening van de commissie een grote zeggingskracht zal hebben voor een potentieel breed publiek.

Het werk van De Gemeenschap is onderzoekend, geëngageerd, rauw, kent een aanstekelijk enthousiasme en is interessant om naar te kijken. De expliciete insteek van het gezelschap en gekozen thematiek maken dat de programmering onderscheidend is ten aanzien van andere makers in de stad en tevens een ontwikkeling in het genre teweeg kan brengen. De commissie is wel van mening dat de artistiek leider en regisseur, ondanks zijn bewezen vakmanschap, ook nog op zoek is naar een eigen signatuur. Hierdoor is de kwaliteit van de regie naar het oordeel van de commissie nog wisselend. Het gerenommeerde artistieke team dat het gezelschap voor de komende periode aan zich verbonden heeft zal naar verwachting de artistieke kwaliteit van de voorstellingen nog versterken.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als ruim voldoende. De bedrijfsvoering oogt bescheiden maar solide. De Gemeenschap wil een grote sprong maken van een projectorganisatie naar een gezelschap met een structureler bedrijfsvoering. De begroting is in de ogen van de commissie realistisch en haalbaar. Het aantal producties, de inkomsten en de subsidiebijdragen zijn goed in verhouding en geven voldoende basis de voorgenomen plannen te realiseren. De mix van inkomstenbronnen is goed in verhouding. Ook het percentage eigen inkomsten is stabiel. Wat opvalt is dat daarbinnen de publieksinkomsten wel sterk fluctueren gedurende de komende periode en volgens de aanvrager zelf onzeker zijn.

De Gemeenschap heeft door zijn projectmatige karakter in het verleden geen eigen vermogen op kunnen bouwen. Door de bescheiden omvang van de begroting zijn de risico's van de beoogde schaalvergroting volgens de commissie echter beperkt. Voor de organisatie zelf betekent dit tevens de ontwikkeling naar een nieuwe werkwijze. De Gemeenschap is hier volgens de commissie bewust van en geeft in zijn plan de hiervoor te nemen stappen aan. Zo worden de artistieke en zakelijk leiding gescheiden in twee aparte functies en is er sprake van een stevige coachende ondersteuning in de persoon van Mark Walraven. De commissie is van oordeel dat het bestuur sterk betrokken zal moeten zijn bij de ontwikkeling naar een grotere omvang van de organisatie. Het wordt uit het plan nu niet duidelijk hoe het bestuur deze ondersteuning zal gaan bieden.

Een heldere visie op en aanpak van de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het bestuur worden tevens gemist in het plan.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. De Gemeenschap heeft een duidelijke visie op zijn publiek en uit de afgelopen periode is te zien dat wordt geïnvesteerd in een duurzame opbouw van publiek. De plannen om het bestaande publiek vast te houden en het publiek verder uit te breiden zijn ambitieus.

Het gaat hierbij om een forse schaalvergroting die veel van de organisatie zal vergen, maar volgens de commissie niet onrealistisch is en oprecht en goed onderbouwd is. Ter verbreding van het publiek wordt in samenwerking met diverse partners naar creatieve wegen gezocht, zoals het organiseren van een festival, de culturele salons in Ostade A’dam en andere interessante randprogrammering. De commissie vindt de overstap van Theater Frascati naar Theater Bellevue daarbij een logische keuze en goed in de plannen gemotiveerd. Het gezelschap vindt daar de aansluiting die het zoekt en krijgt zo de ruimte een nieuw publiek te bereiken, zonder dat het bestaande publiek uit het oog wordt verloren.

De marketingmiddelen zijn minder uitgebreid omschreven. Dit vindt de commissie een gemiste kans. Juist omdat De Gemeenschap in de plannen zijn diverse doelgroepen zo helder omschrijft, wordt een gerichte en expliciete marketingaanpak per doelgroep gemist, die ook de deur naar een nieuw publiekspotentieel kan openen. De commissie acht het daarbij kansrijk dat de thematiek, het perspectief van de buitenstaander, aansprekend kan zijn voor een cultureel divers publiek. De door De Gemeenschap voorgestelde aanpak van het spelen op nieuwe plekken kan daar mogelijk aan bijdragen.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als goed. Binnen de activiteiten wordt expliciet ingegaan op stedelijke vraagstukken, met name in de culturele salons, waar ook ruimte is voor verbinding met bewoners. Daarnaast worden verbindingen gelegd met verschillende samenwerkingspartners uit de Amsterdamse cultuursector en is er duidelijk, vanuit inhoud gedreven, samenwerking met de podia waar gespeeld wordt.

De commissie beoordeelt de spreiding als voldoende. Het merendeel van de activiteiten vindt in stadsdeel Centrum plaats, maar de organisatie is daarnaast in meerdere stadsdelen actief. De organisatie geeft in het plan ook de ambitie aan om op verschillende plekken in Amsterdam te spelen. Hiermee draagt de organisatie redelijk bij aan de stedelijke spreiding van het cultuuraanbod en het publieksbereik ervan.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van De Gemeenschap te honoreren met het gevraagde bedrag van € 40.000 per jaar.