DEGASTEN

Theater
Aangevraagd: € 151.510
Toegekend: € 130.000
Toegekend 2013-2016: n.v.t.

Inleiding

DEGASTEN wil zoveel mogelijk jongeren de kans geven om hun talenten te ontwikkelen op theatergebied. DEGASTEN richt zich op jongeren die doorgaans niet of nauwelijks met kunst en cultuur in aanraking komen. Het team, de jongeren met wie gewerkt wordt en het publiek kennen verschillende culturele, sociale en religieuze achtergronden. 
De visie, werkmethode, verhalen en beeldtaal die worden gebruikt, komen volgens DEGASTEN voort uit deze diversiteit binnen het team. DEGASTEN houdt zich bezig met talentontwikkeling, het meest in de stadia van ontwikkelen en bekwamen. Een groot deel van de activiteiten zijn voorstellingen die worden gemaakt met de jongeren die bij DEGASTEN in training zijn. Er wordt interdisciplinair gewerkt, met jongeren tussen de 12 en 25 jaar. Talenten worden daarnaast uitgewisseld met Likeminds/Factory, de Theaterschool, het ROC/Art & Entertainment College, de Theatervooropleiding en het Poldertheater. DEGASTEN wil voorstellingen maken die gedurfd, vernieuwend jongerentheater laten zien, waarin de talenten van jongeren maximaal worden ingezet.

Met ‘DEGASTEN BACKSTAGE’ richt de organisatie zich op kennismaken en ontwikkelen, en worden presentaties op locatie gemaakt. ‘DEGASTEN ON STAGE’ concentreert zich op bekwamen en excelleren, door jongeren en stagiairs te begeleiden in het spelen en mede-ontwikkelen van artistiek hoogwaardige voorstellingen, deels voor externe opdrachtgevers. Daarnaast wil DEGASTEN net afgestudeerden de kans geven om binnen de organisatie als docent of theatermaker aan de slag te gaan. Het einddoel voor talentvolle jongeren met de drive om verder te gaan, is dat ze doorstromen naar vervolgtrajecten, het kunstvakonderwijs of het (semi)professionele werkveld.

In de periode 2017-2020 wil DEGASTEN de organisatie continuïteit bieden. De wens bestaat om de werkmethode in het begeleiden van jongeren nog verder te verdiepen, en expertise daarover te delen met vakgenoten. Op zakelijk gebied wil DEGASTEN haar medewerkers gangbare vergoedingen gaan betalen en minder tijd steken in het vinden van extra projectgelden. Het streven is om meer tijd te steken in de activiteiten. DEGASTEN wil een extra trainingsgroep starten in Amsterdam-Noord, gestaag verder werken aan publieksopbouw en de relatie met partners consolideren en waar mogelijk uitbouwen. Er wordt ingezet op het spelen van meer voorstellingen en tenminste 25% eigen inkomsten. 

In het kader van het Kunstenplan 2017-2020 vraagt DEGASTEN een subsidiebedrag van € 151.510 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. DEGASTEN heeft een goed geschreven en originele visie op talentontwikkeling. Uit deze visie blijkt voor de commissie dat DEGASTEN zich inzet om jongeren, die normaal gesproken niet de kansen krijgen hun talent te ontwikkelen, actief te benaderen. De ontwikkelingstrajecten zijn arbeidsintensief en gedegen van opzet. De aanpak van een laagdrempelig voorportaal, om vervolgens steeds selectiever te werk te gaan met een aantal jonge excellente talenten, vindt de commissie sterk. Hiervoor gaat de organisatie ook stevige samenwerkingsverbanden aan met onder andere Likeminds en de kunstvakopleidingen. Duidelijk is dat DEGASTEN een eigen en unieke kijk op talentontwikkeling heeft, een eigen artistiek-inhoudelijke positie binnen deze keten inneemt en een sterk netwerk heeft ten behoeve van doorstroom van talent. Dit maakt dat het aanbod op gebied van talentontwikkeling onderscheidend is van andere aanbieders.

De drijvende kracht van Elike Roovers en haar vakmanschap, op gebied van theater maken met jongeren, zijn duidelijk zichtbaar in het werk van DEGASTEN. De thematiek van de voorstellingen sluit aan bij de doelgroep; de vorm en speelstijl kennen grote eigenheid en zijn vaak rauw en in your face. De commissie vindt wel dat de producties waar de talentontwikkelingstrajecten toe leiden wisselend van kwaliteit zijn. De artistieke output die de trajecten op moet leveren is in het plan nu te veel ondergeschikt aan het talentontwikkelingstraject. De zeggingskracht voor publiek en de kracht van de voorstellingen als autonoom werk voor een breed publiek, is daarmee naar mening van de commissie erg wisselend.

De commissie is ook kritisch op de hoeveelheid activiteiten die DEGASTEN onderneemt de komende periode. Waarom deze toename in activiteiten nodig is, ten behoeve van het realiseren van de gestelde doelstellingen, is volgens de commissie niet onderbouwd.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. De commissie is van oordeel dat het zakelijk plan ervan getuigt dat DEGASTEN wil investeren in het stabieler maken van de bedrijfsvoering. Deze is nu administratief en organisatorisch nog niet stabiel, de organisatie geeft zelf aan dat investering in de continuïteit voor de komende periode van belang is en dat het kernteam in de afgelopen periode ook met regelmatig zonder of met weinig salaris heeft gewerkt. De schaalsprong die de DEGASTEN voor de komende periode wil maken, vindt de commissie daarom ambitieus en risicovol. De organisatie is nu nog in opbouw. DEGASTEN formuleert geen duidelijke visie op hoe met deze risico’s om te gaan. 

De begroting is realistisch: de commissie krijgt goed inzicht in de kosten van de begeleiding van de trajecten. Wel wordt duidelijk dat met de voorgenomen groei ook de beheerslasten personeel behoorlijk stijgen. Deze personele lasten vindt de commissie niet in proportie met wat in de sector gangbaar is. Door de voorgenomen schaalsprong staat de begroting niet in verhouding tot de realisatie in eerdere jaren. De totale baten en lasten laten bijna een verdubbeling zien ten opzichte van het gemiddelde in afgelopen periode. Dit maakt dat de commissie twijfelt aan de haalbaarheid. 

Met betrekking tot de mix van inkomsten vindt de commissie dat meer inspanning is vereist. Het is verstandig en realistisch dat DEGASTEN ervoor kiest om het niveau van fondswerving stabiel te houden. De publieksinkomsten zijn echter vrij laag. De organisatie wil de kaartprijzen laag houden om geen drempels op te werpen. De commissie heeft hier begrip voor, maar vindt dit argument vooral gelden voor de lesprijzen voor de jonge deelnemers. Uit de voorgenomen inzet op publieksopbouw (ook buiten de eigen achterban van de deelnemende jongeren) en uit de workshopactiviteiten moeten meer inkomsten te behalen zijn. Het bestuur is op orde, de Governance Code Cultuur wordt nageleefd. De organisatie heeft daarnaast een concrete aanpak voor de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht geformuleerd.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als goed. DEGASTEN weet met de talentontwikkelingstrajecten deelnemers en publiek te trekken, die normaal weinig in aanraking komen met theater. De heldere publieksvisie is met name gericht op de deelnemers en toont dat DEGASTEN haar doelgroepen goed kent.
De doelgroep is jong en cultureel zeer divers. DEGASTEN zit daarmee echt in de haarvaten van de moderne stad. De commissie vindt het in dat kader ook sterk dat de organisatie naast Nieuw West en Oost ook actief zal zijn in Noord.

De marketingstrategie die DEGASTEN beschrijft is sterk en innovatief. De organisatie weet haar jonge doelgroep met originele marketinginspanningen te benaderen. Het gaat daarbij om een intensieve benadering met veel direct contact; doelgroepen worden actief opgezocht.
De commissie vindt wel dat DEGASTEN zich nog meer mag inspannen om publiek, dat buiten de achterban van de deelnemers ligt, voor de voorstellingen te benaderen.
De organisatie geeft aan gestaag aan publieksopbouw te willen werken en zet daar personeel voor in. De daadwerkelijke acties zijn echter nog weinig uitgewerkt.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als goed. Er wordt een verbinding gelegd met stedelijke vraagstukken en de bewoners van de stad, en de gekozen thema’s passen bij wat de jonge doelgroep in de stad beweegt. DEGASTEN heeft een sterke positie in de keten van talentontwikkeling en gaat hiervoor intensieve en relevante samenwerkingen aan. Daarbij deelt de organisatie haar ervaringen op het gebied van talentontwikkeling met andere organisaties in de stad en daarbuiten, en vervult zo een sterke netwerkfunctie.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. Het gezelschap ontwikkelt activiteiten in meerdere stadsdelen, met name scholen in heel Amsterdam, waarmee de organisatie bijdraagt aan de stedelijke spreiding van het cultuuraanbod en het publieksbereik daarvan.

Conclusie

De hoogte van de begroting wijkt sterk af van de realisatie in eerdere jaren. De voorgenomen schaalsprong vindt de commissie risicovol, gelet op het feit dat de bedrijfsvoering nog niet helemaal op orde is, en mist onderbouwing. De commissie adviseert daarom de aanvraag van DEGASTEN gedeeltelijk te honoreren met een bedrag van € 130.000 per jaar.