GRAP (GroepenRaad Amsterdamse Popmuziek)

Muziek/Muziektheater
Aangevraagd: € 238.000
Toegekend: € 200.000
Toegekend ’13-’16: € 199.790

Inleiding

Stichting GRAP (GroepenRaad Amsterdamse Popmuziek) is talentontwikkelaar in de popmuziek. De stichting richt zich op diverse producerende en presenterende activiteiten die de keten van talentontwikkeling in de popmuziek versterken. GRAP wil het circuit van de kleine podia stimuleren om speelplekken te creëren voor opkomende artiesten en in deze podia investeren door daar showcases en talentcompetities te organiseren. De stichting vindt het belangrijk dat talent beter kan worden door het opdoen van concertervaring en zo kan doorstromen naar de top van het clubcircuit en de festivals. Verder wil GRAP ambitieuze muzikanten begeleiden, adviseren en coachen om hun carrière een start te geven. De huidige muzikant is volgens de stichting gebaat bij haar hulp, kennis en netwerk en kan hierdoor tot bloei komen. GRAP wil haar kennis en netwerk openstellen, onderhouden en verder ontwikkelen voor muzikanten.
De projecten vinden plaats in wijken en op kleinere podia, parken en pleinen. Zo wil de stichting op een laagdrempelige wijze popaanbod presenteren aan een breed publiek. Per event wordt de publieksdoelgroep bepaald en in samenwerking met de artiest of competitiedeelnemers wordt het promotietraject ingezet. De doelgroep van GRAP bestaat uit jong volwassenen (18-35 jaar) met een diverse sociaal-culturele achtergrond.

In de periode 2017-2020 richt GRAP zich op het initiëren, organiseren en presenteren van diverse podiumproducties, coaching-trajecten, workshops en competities/showcases gericht op scouting en begeleiding van aanstormend en reeds meer gearriveerd Amsterdams popmuziektalent. Hierbij heeft de stichting een aantal uitgangspunten: iedere muzikant is welkom, er wordt gefocust op samenwerking en vernieuwing, evenals het faciliteren, aanmoedigen en bevorderen van cross-overs. Daarnaast zal cultureel ondernemerschap dienen als leidraad voor de ambitieuze muzikant en de organisatie.

De komende jaren zet de organisatie in op verdere intensivering van de coaching en begeleiding van Amsterdamse acts door een team van ervaren medewerkers en het netwerk van professionals dat om GRAP en de muzikant(en) heen is geformeerd. Een promotieplatform in de vorm van een festival is volgens de stichting belangrijk en gewenst, omdat dit de ideale combinatie biedt om (nog) onbekend talent aan een breed en nieuw publiek te kunnen presenteren.

GRAP wordt in de periode 2013-2016 structureel ondersteund door de Gemeente Amsterdam voor 
€ 199.790 per jaar. In het kader van het Kunstenplan 2017-2020 vraagt GRAP een subsidiebedrag van € 238.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. GRAP heeft een uitstekend, evenwichtig talentontwikkelingsprogramma dat tot in de uithoeken van Amsterdam met succes wordt uitgezet. Het ondernemingsplan beschrijft helder wat de organisatie doet en verwoordt een duidelijke visie. Wat de concrete plannen en ambities voor de toekomst zijn, wordt echter niet duidelijk aangegeven. Dat is in de ogen van de commissie een punt van aandacht waaraan de organisatie niet voorbij kan gaan. Desalniettemin meent de commissie dat Stichting GRAP goed georganiseerd is en met zorg en toewijding werkt.

Stichting GRAP focust op de zakelijke ontwikkeling van de beoogde bands en musici. De organisatie toont haar vakmanschap met name in de coaching van bands en musici. De commissie heeft er vertrouwen in dat dit deskundig gebeurt, gezien de ervaring van GRAP. Op inhoudelijk vlak blijft de bijdrage van GRAP beperkt. Het is lastig om deze organisatie artistiek-inhoudelijk te beoordelen, aangezien de organisatie met name een rol speelt bij de zakelijke ontwikkeling van poptalent. Ook de zeggingskracht is daarom moeilijk te beoordelen, aangezien het vooral de bands en artiesten zelf zijn die een publiek moeten aanspreken. De commissie signaleert wel dat de zichtbaarheid van GRAP als belangrijke schakel in de Amsterdamse keten van talentontwikkeling beperkt is.

De commissie constateert dat het vooral de podia zijn die talentontwikkeling op het inhoudelijke vlak steeds meer naar zich toe trekken. Zij doen dat veelal in samenwerkingen en weten dat kostenefficiënt te doen. GRAP kan daarom baat hebben bij meer samenwerking. Die samenwerking blijft nu beperkt tot het delen van de faciliteiten van podia. De commissie denkt aan bijvoorbeeld meer inhoudelijke samenwerking met podia als de Melkweg en Paradiso, het delen van expertise met de Grote Prijs van Nederland en Paradiso Melkweg Productiehuis, en het samen met hen taken afbakenen teneinde de keten binnen de popmuziek goed te regelen. GRAP zou volgens de commissie ook een rol kunnen spelen in het scouten van talent; daar wordt echter geen aandacht aan besteed in het ondernemingsplan. De commissie ziet dat als een gemiste kans. Bovendien is het opvallend hoe weinig diversiteit er onder de deelnemers is, met uitzondering van de hiphop. De commissie vraagt zich af of het een wellicht met het ander te maken heeft en of actief scouten kan helpen om de diversiteit van het deelnemersveld te verbeteren. De commissie adviseert GRAP hier een visie over te ontwikkelen.

De organisatie constateert veranderingen in de markt en signaleert dat deze kleiner wordt, maar die constatering heeft geen invloed op het aantal groepen dat de organisatie wil bedienen. Men blijft bovendien zeer veel activiteiten organiseren. De commissie vraagt zich af of GRAP hierover heeft nagedacht en zo ja, waarom zij – in de wetenschap dat de (Amsterdamse) afzetmarkt verzadigd raakt – deze keuze heeft gemaakt. Desalniettemin is de commissie ervan overtuigd dat GRAP met zijn focus op de zakelijke ontwikkeling van talenten en zijn coachende functie belangrijk en onderscheidend is. Zij stelt vast dat onderzoek van het Fonds Cultuurparticipatie naar de waarde van talentontwikkelingstrajecten aantoont dat er juist op dat punt sprake is van grote behoeften die nog onvoldoende vervuld worden in de keten van talentontwikkeling. De commissie raadt de organisatie daarom aan stil te staan bij en te focussen op haar specifieke toegevoegde waarde in de keten van talentontwikkeling.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. Ook in de begroting verwoordt de organisatie duidelijke ambities gericht op groei. De commissie vraagt zich af waarom, aangezien er sprake is van een krimpende markt voor de popmuziek (in Amsterdam). Hier gaat het ondernemingsplan niet op in, ook al zal deze ontwikkeling gevolgen hebben voor de organisatie. GRAP zal hierover moeten nadenken wil zij in de toekomst haar bestaansrecht behouden.

De begroting is bovendien weinig ondernemend van opzet. Dat staat in contrast tot aard en kernactiviteit van deze organisatie, die er juist is om ondernemerschap bij jonge popmusici te stimuleren. In de begroting zijn bijvoorbeeld geen bijdragen opgenomen van de deelnemers. Het is niet duidelijk of zij een bijdrage betalen, wat wel een voorwaarde voor deelname mag zijn volgens de commissie. De beheerslasten (zowel voor materieel als personeel) zijn hoog ingeschat voor 2017-2020; er is sprake van een verdubbeling ten opzichte van de vorige periode. Dat laat zich moeilijk verklaren uit het ondernemingsplan.

De organisatie vraagt voor de periode 2017-2020 een subsidie van € 20.000 voor vastgoedlasten. Het gevraagde subsidiebedrag voor vastgoed is alleen van toepassing op organisaties die een verantwoordelijkheid hebben ten aanzien van het onderhoud van hun gebouw en/of de installaties. Deze organisaties dienen te beschikken over een meerjarenonderhoudsplan (MOP) dat met de gemeente wordt afgestemd. Deze situatie is niet van toepassing op de GRAP.

Er wordt voor de komende periode rekening gehouden met meer inkomsten dan gedurende de vorige subsidieperiode. Procentueel worden ook meer inkomsten verwacht aan subsidie. GRAP rekent op een sterke stijging van de publieksinkomsten, maar het is de commissie noch uit het ondernemingsplan noch uit de toelichting op de begroting duidelijk geworden hoe die stijging tot stand komt. De organisatie geeft weliswaar aan meer activiteiten te willen ontplooien, gezien de verzadiging van de markt vindt de commissie het niet vanzelfsprekend dat die ook meer opleveren. Een visie op de risico's met financiële consequenties is niet geformuleerd in het plan.

Stichting GRAP werkt met een bestuur, conform de Governance Code Cultuur. Het beleid wordt op hoofdlijnen vastgesteld door het bestuur. De overige aspecten van voorbereiding en uitvoering van het beleid zijn de verantwoordelijkheid van de directeur. De mate waarin taken en verantwoordelijkheden zijn belegd bij de directie zijn vastgelegd in een directiestatuut. Het bestuur evalueert jaarlijks zijn eigen functioneren.

De organisatie heeft geen concrete visie en aanpak op de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht geformuleerd. Dat is in de ogen van de commissie een gemis.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium bereik als voldoende. GRAP heeft een goed publieksbereik op vele locaties in de stad. In het ondernemingsplan ontbreekt echter een visie op de duurzame opbouw van publiek, en dat terwijl er wel alle reden is om hier aandacht aan te besteden. In de ogen van de commissie bestaat het huidige publiek, ook al zijn dat vaak veel mensen, voornamelijk uit de achterban van de deelnemers. De doorgroei mist en daar haakt de organisatie niet op in. Naar de commissie meent, ligt hier wel een belangrijke taak voor de organisatie.

Per event wordt de publieksdoelgroep bepaald en samen met de artiest of competitiedeelnemer wordt het promotietraject ingezet. Social media spelen hierbij een belangrijke rol. De verschillende doelgroepen worden zo bereikt met verschillende middelen en activiteiten. De voornemens voor 2017-2020, op het vlak van publieksbereik, liggen lager dan in het verleden. Deze daling in publieksaantallen strookt niet met de in het ondernemingsplan opgenomen verwachting dat de bezoekersaantallen zullen blijven aantrekken. De commissie vindt dit vreemd en mist hierop een toelichting.

GRAP gaat veel samenwerkingen aan met partijen in en buiten Amsterdam die bijdragen aan het beoogde publieksbereik, zoals zalen, BUMA/STEMRA, het Amsterdam Dance Event en de Uitmarkt.Uit de aanvraag wordt niet duidelijk of GRAP de afgelopen jaren publieksonderzoek gedaan heeft of voornemens is dat in de periode 2017-2020 te gaan doen. Er is geen concrete visie op de culturele diversiteit van het publiek of de deelnemende artiesten.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als goed. Stichting GRAP baant een weg voor amateurkunstenaars die willen doorgroeien tot professionals en dat wordt goed gedaan. Uit de referenties van de vele samenwerkingspartners die in het ondernemingsplan zijn opgenomen, komt duidelijk naar voren dat de GRAP een welkome partner is bij het zichtbaar maken van nieuw muziektalent.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. De organisatie is actief in alle stadsdelen. Tot in de uithoeken van Amsterdam worden de activiteiten met succes uitgezet.

Conclusie

De commissie adviseert gezien bovenstaande overwegingen de aanvraag van GroepenRaad Amsterdamse Popmuziek gedeeltelijk te honoreren voor jaarlijks € 200.000. Het is in de ogen van de commissie belangrijk dat dit budget voor deze specifieke vorm van talentwikkeling behouden blijft. Echter, zij wijst op het belang voor de organisatie om zich te vernieuwen en beter te verbinden met het Amsterdamse veld. De commissie is er - op basis van voorliggende plannen - niet van overtuigd dat een groei noodzakelijk is.