Maatschappij Discordia

Theater
Aangevraagd: € 150.000
Toegekend: € 0
Toegekend ’13-’16: € 119.870

Inleiding

Maatschappij Discordia wil, sinds de oprichting in 1984, het theater steeds opnieuw bevragen vanuit een onbevangen houding. De doelstelling is het theater steeds een klein beetje te kantelen, zodat met elke nieuwe voorstelling een nieuw perspectief ontstaat, zowel op het klassiek repertoire als op nieuwe teksten en zowel op de wereld als op het individu. Discordia wil voorstellingen maken voor de kleine zaal, die het publiek aanspreken en tot terugkerend bezoek aanzetten. Het gezelschap bestaat uit een vaste groep spelers, die opereert als een kunstenaarscoöperatie, waarbinnen een toneelspeler zijn rol kan blijven ontwikkelen. De vormgeving van de voorstellingen accentueert altijd het kunstmatige karakter van een enscenering. Discordia maakt ook gebruik van de montagevorm die het theater kent en waarbij de vormgeving, die sterk verwant is aan de beeldende kunst, een extra element aan de producties toevoegt. Van het publiek wordt een eigen inzet, een eigen opstelling én een eigen kritische blik verwacht.

De komende kunstenplanperiode zal Discordia de ingezette lijnen van de afgelopen periode doortrekken. Zo zal Discordia elk seizoen 2 tot 3 experimentele producties maken, zoals: Over de schreeuw en de lach - Scènes uit Italië, over overeenkomsten en contradicties in de kunst van twee auteurs uit twee verschillende tijdperken; De Sloterdijk Show (Deel 1: De vroege jaren), gebaseerd op de manier van schrijven van filosoof Peter Sloterdijk; en Freud, Schnitzler, Strindberg, Calderon, over analyse en mythologie, manie en vervreemding.

Daarnaast zal Discordia werken aan een aantal coproducties, zoals Pointless International met ’t Barre Land; de serie Weiblicher Akt waarin bestaand toneelrepertoire zodanig bewerkt wordt, dat in bekende verhalen als Oedipous of Macbeth het perspectief bij de vrouwelijke personages wordt gelegd; een samenwerking met de Belgische groepen tg STAN en de Koe met het stuk Atelier en een herneming van Vandeneedevandeschrijvervandekoningendiderot.

Ook staat er een aantal andere hernemingen op het programma en wil Discordia ruimte maken om klassiek repertoire op een vernieuwende en originele wijze voor het voetlicht te brengen. Tevens wordt gewerkt aan gezamenlijke producties, met de jonge generaties theatermakers van de Theatertroep. Daarnaast organiseert Discordia elke eerste maandag van de maand in samenwerking met het Amsterdamse debatcentrum De Balie De Republiek, waar vertegenwoordigers van alle kunsten bijeenkomen en in aanwezigheid van publiek voorstellen en voorzetten doen voor nieuwe thema’s, zowel op het gebied van spelen en schrijven als vormgeven. Discordia zet ook de deuren van haar Amsterdamse werkplaats open voor studenten van de Amsterdamse Theaterschool en daarnaast geven leden van Discordia les aan diverse theateropleidingen.

In de periode 2013-2016 ontvangt Maatschappij Discordia een subsidie in het kader van het Kunstenplan van de Gemeente Amsterdam van € 117.370 per jaar. Maatschappij Discordia vraagt in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een subsidiebedrag van € 150.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als voldoende. De artistieke visie die Maatschappij Discordia formuleert is helder en concreet. De artistieke motivatie, van waaruit de organisatie werkt, is al vanaf de oprichting constant en helder onderbouwd.

De commissie vindt wel dat deze artistieke motivatie en de daaruit volgende visie te statisch wordt gehanteerd. De commissie is van mening dat de wijze waarop Maatschappij Discordia de theaterwetten bevraagt niet meer past bij de wijze waarop een huidige generatie theatermakers werkt. Het gezelschap hanteert een onderzoeksmethode die zich naar oordeel van de commissie beperkt verhoudt tot de buitenwereld en het publiek. De activiteiten van Discordia sluiten hierdoor onvoldoende aan op hetgeen bijvoorbeeld momenteel binnen de kunstvakopleidingen gebeurt. Daarmee doet de werkwijze gedateerd aan. In de plannen herkent de commissie te weinig nieuwe artistieke impulsen om nog dezelfde onderscheidende positie in de theatersector te kunnen blijven nemen als voorheen. Doordat Maatschappij Discordia het proces van het theatermaken zelf leidend maakt, en niet zozeer het eindresultaat, is de zeggingskracht van de voorstellingen voor publiek wisselend.

In de ogen van de commissie vormen de voorstellingen eerder resultaten van een onderzoekspraktijk, dan dat deze een samenhangende programmering voor een beoogd publiek vormen. Deze zijn wellicht relevant voor vakgenoten, maar niet vanzelfsprekend toegankelijk voor een divers publiek. De commissie is wel uitgesproken positief over het vakmanschap waarmee de voorstellingen tot stand komen en worden uitgevoerd. Discordia heeft een eigen methode ontwikkeld, die veel voor de sector heeft betekend. De overdracht van deze methode aan nieuwe makers en andere gezelschappen acht de commissie een waardevolle erfenis voor de sector.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als ruim voldoende. De organisatie heeft een gezonde bedrijfsvoering die voldoende basis geeft om de voorgenomen programmering en het beoogde publiek de komende vier jaar te bereiken. De begroting is bovendien bescheiden en haalbaar; de organisatie heeft daarbij ook voldoende reserves opgebouwd. De commissie merkt wel op dat zwaar op subsidie wordt geleund.

De mix van inkomstenbronnen is realistisch. Maatschappij Discordia geeft aan dat bijdragen van donateurs worden verwacht. Daarnaast zullen leden van het gezelschap voor activiteiten ‘verhuurd’ worden aan derden en worden inkomsten gegenereerd door veel les te geven. Inkomsten die door de afzonderlijke leden worden geworven, komen ten goede aan de activiteiten van Discordia. De commissie waardeert deze ondernemende houding, passend bij de organisatievorm, en werkwijze van een kunstenaarscoöperatie. Dit betekent ook dat ieder flexibel kan worden ingezet en risico’s voor realisatie van activiteiten beperkt blijven.

Discordia wil publieksinkomsten verhogen met een toename aan speelbeurten en speelplekken. Deze plannen om de zichtbaarheid te vergroten vindt de commissie positief. Toch vindt de commissie dat nog naar nieuwe ingangen tot andere middelen gezocht kan worden. Er zijn bijvoorbeeld geen creatieve manieren onderzocht om meer middelen uit de private sector te halen, om zo de risicovolle afhankelijkheid van subsidies te verkleinen. De Vriendenvereniging die Maatschappij Discordia in 2016 heeft opgericht levert hierin nu nog een bescheiden bijdrage.

De organisatie past de Governance Code Cultuur toe. Ook is er een visie op de diversiteit van het personeelsbestand en het bestuur geformuleerd, al blijkt er geen concrete aanpak uit.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als voldoende. Maatschappij Discordia heeft een klein vast publiek, dat zich aangesproken voelt door de programmering en de tegendraadse vorm van de voorstellingen. Daarnaast heeft Discordia fans onder vakgenoten. Dit publiek is veelal trouw bezoeker van de voorstellingen en Discordia heeft dit publiek, door te investeren in persoonlijk contact, ook goed leren kennen.

De activiteiten van Discordia en de marketingactiviteiten sluiten op dit publiek aan. Ook het feit dat Maatschappij Discordia regulier in Theater Frascati speelt en de Republiek-avonden in De Balie organiseert, zorgt voor het duurzaam vasthouden van dit publiek. Er wordt echter geen concrete visie op het bereiken van nieuwe doelgroepen geformuleerd. Tevens ontbreekt een plan van aanpak of een marketingplan hiervoor. Discordia geeft aan van plan te zijn in de komende periode een marketingmedewerker aan te stellen voor verschillende partners binnen Frascati. De specifieke opdracht die deze medewerker meekrijgt, gebaseerd op een marketingstrategie, wordt uit de plannen niet duidelijk. Er wordt in de aanvraag enkel een aantal voorgenomen marketingacties genoemd.

Het gezelschap heeft in de afgelopen periode extern advies ingewonnen over zijn beleid op het gebied van zichtbaarheid en marketing, maar geeft niet aan wat met het extern advies is gedaan om nieuwe doelgroepen te kunnen bereiken. Ook is er geen publieksonderzoek gedaan. De commissie mist bij het gezelschap een gevoel van noodzaak om een breder en meer cultureel divers publiek te bereiken.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als zwak. Bij Maatschappij Discordia spelen stedelijke vraagstukken geen rol bij het bepalen van de thema's van de voorstellingen. De activiteiten in De Balie zijn voornamelijk op vakgenoten gericht. Er worden geen inspanningen verricht om de buurt bij de voorstellingen te betrekken of de voorstellingen op andere plekken in Amsterdam te spelen. Ook zijn de verbindingen met de Amsterdamse cultuursector beperkt.

De commissie beoordeelt de spreiding als zwak. Maatschappij Discordia ontwikkelt geen activiteiten buiten het stadscentrum en draagt daarmee niet bij aan de stedelijke spreiding van het cultuuraanbod en het publieksbereik daarvan.

Conclusie

Gelet op de bovenstaande overwegingen adviseert de commissie de aanvraag van
Maatschappij Discordia niet te honoreren.