LIMA

Visuele kunsten
Aangevraagd: € 70.000
Toegekend: € 70.000
Toegekend '17-'18: n.v.t.

Inleiding

Stichting LIMA presenteert, beheert en behoudt digitale kunst. De stichting heeft een platformfunctie voor het tonen en bevragen van nieuwe technologieën, wetenschap, digitale cultuur en kunst en reflecteert op het veld van de mediakunst en de positie daarvan in de maatschappij. LIMA beheert en distribueert een collectie van vijftig jaar Nederlandse mediakunstwerken, doet onderzoek en heeft conserveringsdiensten waarvan dertig instellingen binnen en buiten Nederland gebruik maken. De organisatie zet zich in voor de selectie en promotie van talent door digitale kunstwerken van makers wereldwijd te distribueren, te presenteren en met kennis te ondersteunen. Ook organiseert LIMA regelmatig presentatie- en debatactiviteiten in het kader van de serie Cultural Matter.

De komende periode wil LIMA de artistieke en zakelijke kwaliteit verder ontwikkelen. Op artistiek gebied wil LIMA de functies platform en vertoningsplek de komende jaren uitbouwen, door de frequentie en diversiteit van de programma’s te verhogen en deze te verbinden met een groter publiek. Zakelijk gezien wil LIMA de ruimte krijgen om meer programma’s te kunnen ontwikkelen en gebruik te maken van nieuwe technische mogelijkheden en kanalen voor distributie en presentatie. Om deze kansen te kunnen benutten vindt LIMA het nodig om de basis van de organisatie verder te stroomlijnen en te professionaliseren. Op het gebied van publieksbereik heeft LIMA de ambitie haar publieksbereik aanzienlijk te vergroten. De nieuwe generatie jonge (digitale) kunstenaars vormt een belangrijke doelgroep.

LIMA vraagt aan het AFK voor de periode 2019-2020 een bijdrage van gemiddeld € 70.000 per jaar, geheel bestemd voor ontwikkeling. LIMA vraagt geen bijdrage voor reguliere activiteiten.

Artistieke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistieke kwaliteit als goed. LIMA is ontstaan als beheerder van een collectie mediakunstwerken die kunsthistorisch gezien waardevol en van nationaal belang is. De beheer- en behoudfunctie wordt in de ogen van de commissie met overtuigend vakmanschap uitgevoerd. LIMA heeft veel kennis van het behoud van mediakunst. De organisatie werkt op basis van de laatste inzichten en standaarden op het gebied van digitale duurzaamheid en functioneert als toonaangevend kennisinstituut op dat gebied. Voor musea in binnen- en buitenland is LIMA een kennispartner. LIMA heeft al langer de ambitie om ook als presentatie-instelling te functioneren en het eigen archief en nieuwe werken te presenteren aan publiek. Daartoe ontwikkelde het het afgelopen jaar een presentatie- en discussieprogramma onder de titel Cultural Matter. In het programma worden op overtuigende en artistiek vaardige wijze actuele onderwerpen en relevante digitaal werkende kunstenaars en curatoren samengebracht.

De commissie constateert dat LIMA in korte tijd een duidelijke positie en een herkenbaar profiel heeft verworven. LIMA wordt als kennispartner erkend binnen de professionele wereld van het behoud en beheer van mediakunst, getuige de afname van diensten van LIMA door uiteenlopende musea en verzamelaars. Dankzij het publieksprogramma heeft de organisatie ook betekenis gekregen voor andere culturele professionals als curatoren en kunstenaars. LIMA is zich goed bewust van de interesses en behoeften van het professionele publiek en weet hen aan te spreken door curatoren prikkelende selecties uit de bestaande collectie te laten maken en deze van context te voorzien. Voor een breder publiek dan culturele professionals vindt de commissie de zeggingskracht nog weinig ontwikkeld.

Het landschap van de digitale kunst verandert. Mediakunst kan steeds meer online bekeken worden en instellingen als EYE, het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid en het Stedelijk Museum begeven zich steeds meer op het terrein van LIMA. De commissie vindt het positief dat de organisatie dit onderkent en erop reageert door zich sterker te manifesteren en te profileren. Zo maakte LIMA onlangs de database met videowerken publiek online toegankelijk. In de aankomende periode wil zij daarnaast ook interviews met makers houden en zelf opdrachten voor nieuw werk gaan verstrekken aan talentvolle digitaal werkende kunstenaars. De commissie vindt de interviews belangrijk voor de duurzame opbouw van de catalogus videowerken die LIMA heeft: de gesprekken bieden relevante context voor de werken. Met betrekking tot de zeggingskracht is de commissie minder overtuigd als LIMA opdrachtgever is voor nieuw werk. De commissie vindt focus op de kerntaken van belang voor een kleine organisatie die met beperkte financiële middelen de kerntaken distributie, conservering en presentatie goed uit moet zien te voeren. Het verstrekken van opdrachten aan kunstenaars valt naar het oordeel van de commissie buiten deze kerntaken.

Stichting LIMA merkt in de aanvraag artistieke kwaliteit als ontwikkeldoel aan. Daarom wordt binnen dit criterium tevens de kwaliteit van de ontwikkeling beoordeeld. De beginsituatie en noodzaak om verder te ontwikkelen zijn helder beschreven. LIMA was na de verzelfstandiging van het Nederlands Instituut voor Mediakunst vooral bezig met de kerntaak die de organisatie zichzelf gesteld heeft: het op orde krijgen van het behoud, het beheer en de distributie van de collectie. Sinds twee jaar is LIMA kleinschalig bezig met het zelf uitvoeren van artistiek-inhoudelijke activiteiten, met als doel zichtbaarder te worden. LIMA wil de komende periode deze artistieke functie verder ontwikkelen en de continue bijstelling daarvan in de werkprocessen en de werkwijze implementeren.
De commissie acht het einddoel om zichtbaarder te worden middels artistieke programmering van toegevoegde waarde voor LIMA en onderschrijft daarmee de noodzaak van de beoogde ontwikkeling. De commissie acht het einddoel bovendien voldoende realistisch omdat de ambitie bescheiden is.


Als ontwikkelinstrument zet LIMA een denktank in. De aanvraag bevat een helder overzicht van de vijf uit te voeren programma’s waarover de denktank inhoudelijk moet adviseren. Het uitgangspunt van deze programma’s is het op meerdere manieren inzetten van de collectie. De commissie vindt dat realistisch en artistiek gezien interessant. De denktank bestaat uit een goede mix van professionals. De inbreng van jonge professionals kan daarnaast functioneel zijn voor de noodzakelijke en beoogde verbinding met een nieuw publiek en met jonge makers. Uit de samenstelling van de denktank blijkt ook dat LIMA zich bewust is van veelvormigheid van de verbinding tussen media en samenleving en de spanning die dat met zich mee kan brengen. LIMA onderkent de noodzaak om verbindingen te leggen tussen verschillende vormen van oude en nieuwe media en handelt daarnaar. De commissie vindt de werkwijze en instrumenten dan ook passend bij het beoogde doel om de artistieke functie uit te bouwen.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als goed. De organisatie functioneerde de afgelopen jaren met een klein vast team met daaromheen een aantal freelancers en een inhoudelijke klankbordgroep met experts uit het veld. De organisatie bewees daarmee dat de bedrijfsvoering voldoende basis gaf om de programmering te realiseren en het publiek te bereiken. Voor de toekomstige groei in activiteiten en beoogde professionalisering van LIMA is echter een robuustere bedrijfsvoering noodzakelijk. Zo zorgde de directeur bijvoorbeeld zelf voor het aansturen van de financiële administratie, budgetbewaking en voor tijdige en correcte afrekeningen. Die situatie is moeilijk houdbaar gezien de gestage groei van LIMA. Dit signaleert LIMA zelf ook en het aanpakken van de zakelijke en administratieve organisatie is dan ook een van de ontwikkeldoelen.

Het eigen vermogen is op papier overtuigend, maar de commissie is van mening dat LIMA zich rijk rekent door de herwaardering van activa mee te nemen in de berekening van het eigen vermogen. Het eigen vermogen dient in de ogen van de commissie robuuster te worden ingericht met het oog op de langere termijn. Op de korte termijn voorziet de commissie echter geen problemen.

De governance is grotendeels op orde. LIMA geeft aan de Governance Code Cultuur te volgen. Er is een raad van toezicht met passende expertise en er is een rooster van aftreden. De commissie vindt het onwenselijk dat de bij LIMA betrokken adviseur bedrijfsvoering de jaarrekening 2017 heeft gecontroleerd.


De begroting is realistisch. De kosten zijn grotendeels passend bij de voorgenomen activiteiten. De commissie vindt het een gemis dat niet is terug te zien of en in hoeverre de voorgestelde zakelijke ontwikkeling gaat leiden tot reductie van kosten. Zo zijn bijvoorbeeld de kosten verbonden aan de administratieve organisatie in verhouding tot de aard en omvang van de organisatie aan de hoge kant. De inzet van een zakelijk leider zal logischerwijs voor een deel moeten resulteren in verschuiving van kosten op dit gebied. Dat ziet de commissie echter niet terug. De beheerlasten zijn weliswaar relatief hoog (20% ) maar in absolute zin verklaarbaar voor een organisatie als LIMA. Alleen de kantoorkosten vindt de commissie opvallend ruim bemeten.

LIMA weet een realistische mix aan inkomsten te realiseren. De inkomsten zijn in de periode 2019-2020 afkomstig uit dienstverlening en twee grote meerjarige subsidies, waarvan een de nu voorliggende tweejarige aanvraag bij het AFK is. De inkomsten uit dienstverlening zijn stabiel en de andere subsidie is al toegezegd. Het percentage eigen inkomsten is ruim boven de vereiste 25%. LIMA geeft evengoed aan dat het moeite heeft aansluiting te vinden bij meer hedendaagse verdienmodellen. Het lukt slechts ten dele om met de eigen collectie een verdienmodel te realiseren. De commissie begrijpt dat dit een uitdaging is binnen een tijd waarin data en beeld grotendeels gratis ter beschikking wordt gesteld.

Stichting LIMA merkt in de aanvraag zakelijke kwaliteit als ontwikkeldoel aan. Daarom wordt binnen dit criterium tevens de kwaliteit van de ontwikkeling beoordeeld. Beginsituatie en noodzaak van de beoogde ontwikkeling zijn helder beschreven in de aanvraag. LIMA is op een punt aangekomen dat de organisatie geprofessionaliseerd moet worden om verdere inhoudelijke en financiële groei aan te kunnen. Dit is overtuigend beargumenteerd, zodat de commissie de noodzaak van de realisering van dit einddoel onderschrijft.


De ontwikkelinstrumenten bestaan uit het aanstellen van een zakelijk leider, het inschakelen van bedrijfsadviseurs om de bedrijfsprocessen te actualiseren en integreren, het opnieuw opzetten van de administratieve organisatie, het opzetten van een projectstructuur en het ontwikkelen van een nieuwe website. De keuze voor de instrumenten wordt overtuigend gemotiveerd in het plan en sluit goed aan op de zakelijke knelpunten die de organisatie identificeert. De commissie denkt dat LIMA hiermee een grote stap kan maken in het versterken van de basis van de organisatie. Zeker omdat LIMA te kennen geeft een lerende organisatie te willen zijn, heeft de commissie er vertrouwen in dat de inzet van de instrumenten tot duurzame verbeteringen zal leiden.

Publieksbereik

De commissie beoordeelt het publieksbereik als voldoende. Het directe publieksbereik van LIMA bestaat tot dusver vooral uit professioneel publiek. Het directe publieksbereik is bescheiden, maar passend bij de aard en de omvang van de activiteiten en groeide de afgelopen jaren bovendien. Het indirecte publieksbereik, met vertoningen van werken uit de collectie in musea en op festivals over de hele wereld, is enorm. De commissie vindt het een gemis dat de organisatie in de aanvraag geen aandacht besteedt aan het bereiken van publiek met een cultureel diverse achtergrond.

De marketingaanpak is naar de mening van de commissie te algemeen beschreven. Hoewel LIMA uit zegt te gaan van breder publieksbereik en een verdubbeling in 2019 ten opzichte van 2017, wordt nergens overtuigend inzichtelijk gemaakt hoe deze stijging gerealiseerd wordt. Er is geen scherp onderscheid in doelgroepen waarop een effectieve aanpak gebouwd kan worden. Er wordt behalve over de professionals en jongeren tussen de 25- en 34, alleen gesproken over het bereiken van een breder in cultuur geïnteresseerde doelgroep.

LIMA wil de komende jaren werken aan het aanpassen van de website, het doen van panelonderzoek, het aanbieden van het videoplatform en de intensivering van sociale media. Dat zijn in de ogen van de commissie in zijn algemeenheid geschikte activiteiten om het publieksbereik te vergroten. Omdat de communicatie- en marketingstrategie echter summier zijn uitgewerkt, denkt de commissie dat de effecten op het publieksbereik beperkt zullen zijn. Om de doelen op het gebied van publieksbereik te kunnen realiseren, is naar de mening van de commissie samenwerking met krachtige partners als het Stedelijk Museum en EYE noodzakelijk. LIMA geeft aan dergelijke samenwerkingen in de toekomst verder uit te willen bouwen, maar werkt deze voornemens niet uit in de aanvraag.

Veelzijdigheid van het cultuuraanbod in de stad

De bijdrage aan de veelzijdigheid van het Amsterdamse cultuuraanbod beoordeelt de commissie als goed. De commissie constateert dat er in het Kunstenplan veel organisaties zijn opgenomen die zich bezighouden met beeldende kunst. In Amsterdam is er echter buiten LIMA geen andere instelling die specifiek focust op digitale kunst. LIMA vervult bovendien een unieke functie in het nationale ecosysteem voor het preserveren en presenteren van mediakunst. Geen andere instelling in de stad heeft deze focus. Zodoende levert LIMA een goede bijdrage aan de veelzijdigheid van het cultuuraanbod in de stad.

Conclusie

Op grond van bovenstaande overwegingen adviseert de commissie de aanvraag van stichting LIMA volledig te honoreren voor een bedrag van gemiddeld € 70.000 per jaar, welk bedrag geheel bestemd is voor de uitvoering van de ontwikkelactiviteiten.

De aanvraag van stichting LIMA is beoordeeld binnen de adviescommissie Visuele kunsten.