De Modestraat

Visuele kunsten
Aangevraagd: € 80.000
Toegekend: € 60.000
Toegekend '17-'18: € 60.000

Inleiding

Bij vereniging De Modestraat werken kunstenaars, lokale ondernemers en buurtbewoners samen aan culturele projecten. Deze partijen hebben gemeen dat zij zich inzetten voor ‘stadse sores’, stedelijke problematiek zoals eenzaamheid, polarisatie tussen bevolkingsgroepen, de komst van vluchtelingen en afnemende leefbaarheid. De Modestraat organiseert een multidisciplinaire mix van artistieke en sociale activiteiten, waaronder de Rebellenclub, Sweet 70, Buurtsuper de Onkruidenier, Buro EU, theatervoorstelling Plein/Reis en het Buiksloterfestijn. De organisatie is gevestigd in een voormalig winkelpand aan het Buikslotermeerplein, midden in een wijk die in grootschalige transitie verkeert. In dit pand vinden de activiteiten van De Modestraat plaats en worden atelierruimtes beschikbaar gesteld aan makers. Er wordt regelmatig samengewerkt met partners zoals theaterfestival Over het IJ, Winters Binnen en de HKU.

Naast haar reguliere activiteiten wil De Modestraat ontwikkeling op het gebied van haar artistieke en zakelijke kwaliteit en van het publieksbereik realiseren. Op artistiek gebied wil De Modestraat uitgroeien tot een Cultuurhuis, een vaste plek in het nieuw te ontwikkelen gebied. Thema’s de komende twee jaar zijn de herontwikkeling van het gebied en de kloof tussen bevolkingsgroepen.
Zakelijk gezien wil De Modestraat in 2019 en 2020 haar eigen inkomsten vergroten, het team versterken, een betere balans vinden tussen de verschillende inkomstenstromen en zichtbaarder worden bij de politici van stadsdeel Noord. In september 2018 transformeert vereniging De Modestraat naar Stichting DEMO. Op het gebied van publieksbereik wil De Modestraat meer bezoekers trekken. De organisatie streeft daarom naar verbeterde zichtbaarheid binnen verschillende velden (artistiek, social design en sociaal-maatschappelijk), het verstevigen van de community, het aantrekken van doelgroepen met een cultureel diverse achtergrond en het vergroten van het bereik van de verschillende makers die zich aan De Modestraat verbinden.

Vereniging De Modestraat ontvangt in de periode 2017-2018 tweejarige subsidie van het AFK voor een bedrag van € 60.000 per jaar. De organisatie vraagt aan het AFK voor de periode 2019-2020 een bijdrage van gemiddeld € 80.000 per jaar, waarvan € 15.000 per jaar voor ontwikkeling en € 65.000 voor de reguliere activiteiten.

Artistieke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistieke kwaliteit als voldoende. De Modestraat slaagt erin sociale problemen op een creatieve manier aan te pakken door er bijzondere oplossingen voor aan te reiken. Soms zijn deze langdurig, zoals de Rebellenclub, soms ook zijn het kortdurende performances of theatervoorstellingen zoals bij ‘Plein/Reis’. De Modestraat kenmerkt zich door creatieve samenwerking en verbinding met de buurtbewoners rondom het Buikslotermeerplein. Er spreekt vakmanschap uit de wijze waarop De Modestraat samenwerkt met mensen die vaak weinig op hebben met kunst en cultuur. Dit vereist naast creativiteit ook mensenkennis, inzicht, durf, enthousiasme en ambitie. Deze eigenschappen vindt de commissie bij De Modestraat terug. De organisatie is volgens de commissie behendig in het samenstellen van programma’s met de buurt als uitgangspunt, het investeren in contact met de buurt en het aantrekken van goede makers.

Wat betreft het programma zijn succesonderdelen als ‘Sweet 70’, de Rebellenclub en Status.nl de afgelopen jaren uitgegroeid tot vaste onderdelen van de programmering. Hiermee heeft de organisatie zich stevig ingebed in de buurt. De toenemende deelname van buurtbewoners getuigt daarvan. Ook de artistieke programmering ontwikkelt zich. Waar het eerst vooral om buurthuisachtige projecten ging, weet De Modestraat steeds vaker jonge, talentvolle makers aan zich te binden die werk maken op uitnodiging van de organisatie. Blijkens de reacties van bezoekers is de zeggingskracht van het getoonde werk de afgelopen jaren toegenomen. Niet alle projecten vindt de commissie even geslaagd. Soms worden de effecten van een project verkeerd ingeschat, zoals bij de Engelengesprekken, een performance waarbij een kunstenaar in de gedaante van een engel het winkelcentrum in trok maar daar onverhoopt niet vriendelijk werd ontvangen.

De Modestraat merkte in de aanvraag artistieke kwaliteit als ontwikkeldoel aan. Daarom wordt binnen dit criterium tevens de kwaliteit van de ontwikkeling op artistiek vlak beoordeeld. De commissie merkt op dat de beginsituatie wat onduidelijk door de aanvraag is verweven, maar dat De Modestraat in het algemeen helder reflecteert op de huidige situatie. De commissie erkent de noodzaak voor verdere ontwikkeling, maar meent dat de voorgestelde aanpak meer focus nodig heeft om te kunnen slagen. Het plan bevat veel ideeën en uitwerkingen en oogt daardoor diffuus. De einddoelen lopen uiteen van klein tot behoorlijk groot en zijn naar de mening van de commissie niet allemaal even realistisch.

Een belangrijk doel van De Modestraat is om zichzelf artistiek verder te ontwikkelen en om op termijn een Cultuurhuis op te zetten. Omdat De Modestraat aangeeft nog te willen onderzoeken hoe dit Cultuurhuis eruit zou moeten zien, is het voor de commissie niet mogelijk in te schatten hoe realistisch het opzetten van daarvan is. De commissie kan dan ook niet beoordelen of dit een haalbaar einddoel is en of het zal bijdragen aan de artistieke kwaliteit van De Modestraat.
Verder wil De Modestraat het aantal co-creaties per jaar verhogen door minimaal 250 buurtbewoners als co-designer bij programma’s en evenementen te betrekken. De commissie acht dit een behoorlijk ambitieus plan voor deze kleine organisatie, temeer omdat in het plan een onderbouwing ontbreekt over hoe dit in goede banen wordt geleid en waarom het beoogde aantal van 250 noodzakelijk is.

De andere doelen die De Modestraat noemt zijn het verhogen van de partnerprogrammering, het investeren in makers en kennisdeling met vergelijkbare instellingen. Deze doelen zijn weinig toetsbaar geformuleerd. Niettemin acht de commissie het aannemelijk dat op deze onderwerpen stappen kunnen worden gezet. Het aantal partnerprogramma’s bij De Modestraat is de afgelopen jaren al toegenomen en bovendien krijgt De Modestraat binnenkort de beschikking over een projectruimte die het voor partners aantrekkelijker maakt om daar projecten te presenteren.

Voor het investeren in makers en het vergroten van de kennisdeling wordt een aantal overtuigend gemotiveerde instrumenten beschreven. Veel van de instrumenten bestaan uit een vorm van coaching, intervisie (Mooimakers), of stages (makersstages) die de makers goed verder kunnen helpen. Het opzetten van een database voor kennisdeling is veel werk, maar naar het oordeel van de commissie passend en zinvol voor de lange termijn. Het profiel van de coach die De Modestraat in wil schakelen vindt de commissie passend bij het doel. De coach zal zowel de artistiek leider als het team begeleiden bij de verdere artistieke ontwikkeling, zodat zij samen tot een plan voor een permanente instelling kunnen komen. De beoogde coach heeft ervaring met het artistiek aanscherpen van plannen en het opzetten van inhoudelijk gedreven organisaties.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als zwak. De Modestraat is een kleine organisatie met in totaal drie formatieplaatsen, verdeeld over meerdere personen die parttime werken. Geen van de medewerkers is in vaste dienst. De organisatie wordt ondersteund door een groot aantal vrijwilligers. In de voorliggende plannen groeit de organisatie op artistiek vlak niet: personeel en uren voor uitvoering van de artistieke activiteiten blijven nagenoeg gelijk. Toch stijgt het niveau van artistieke activiteiten behoorlijk. De commissie twijfelt daarom sterk of de huidige organisatie alle voorgenomen activiteiten kan realiseren. Door de gewenste groei ontstaat in de ogen van de commissie een kwetsbare bedrijfsvoering die een magere basis biedt om de voorgenomen activiteiten te realiseren.

De organisatie geeft aan de Governance Code Cultuur te volgen. Momenteel wordt de bestaande raad van toezicht omgevormd tot een geheel nieuw bestuur. Deze ontwikkeling hoort bij de transformatie naar de nieuwe stichting DEMO. De commissie vindt het van belang dat er voor de overgang naar het nieuwe bestuur een deel van de raad van toezicht enige tijd aanblijft om kennis over te dragen en de continuïteit te waarborgen.

De commissie constateert dat de financiële basis van De Modestraat wankel is. Het eigen vermogen is negatief en de liquiditeit is een constante zorg voor de organisatie. De organisatie is zich hiervan bewust en heeft in het plan de noodzaak tot het aanvullen van het eigen vermogen uiteengezet. Welk niveau in dezen gewenst is, mede in relatie tot de risico ’s die de organisatie loopt, beschrijft De Modestraat niet. Het ontbreken van een concreet verbeterplan op dit punt baart de commissie zorgen.

De begroting is sluitend en De Modestraat voldoet aan de norm van 25% eigen inkomsten. De stijging in kosten en inkomsten van circa 70% ten opzichte van 2017 lijkt de commissie echter niet haalbaar. De organisatie wil meer inkomsten behalen door horeca in het pand zelf te gaan uitbaten, sponsoren te werven en meer ruimtes te verhuren. De commissie heeft allereerst twijfels bij de geprognosticeerde opbrengsten uit horeca: een overtuigende onderbouwing voor deze prognose ontbreekt. Onduidelijk is bijvoorbeeld wat de omzet van de bestaande horeca-uitbater op dit moment is. Daar komt bij dat de commissie verwacht dat het zelf uitbaten van horeca, ook al wordt daar een extra medewerker voor aangesteld, ten koste zal gaan van de schaarse tijd die de organisatie beschikbaar heeft om artistieke activiteiten te ontwikkelen en presenteren.
Voor het sponsorwervingstraject staan zeer bescheiden inkomsten opgevoerd, die nagenoeg wegvallen tegen de kosten voor coaching op dit gebied. Dit vindt de commissie weinig zakelijk. Ten slotte komen de financiële effecten van de uitbreiding van het aantal te verhuren vierkante meters niet tot uiting in de begroting.

De commissie vindt de hoogte van de kosten onvoldoende passend bij de voorgenomen activiteiten. De beheerlasten liggen met circa 35% ruim boven de maximumnorm van 20% die het AFK hanteert. Gekeken naar de begroting ziet de commissie dat dit onrealistisch hoge niveau voor een groot gedeelte voortkomt uit onjuiste toewijzing van kosten tussen beheerlasten en activiteitenlasten. De commissie ziet dit als een teken dat de organisatie nog te weinig financieel inzicht heeft in de kosten die aan de diverse activiteiten verbonden zijn.

De Modestraat merkte in de aanvraag zakelijke kwaliteit als ontwikkeldoel aan. Daarom wordt binnen dit criterium tevens de kwaliteit van de ontwikkeling beoordeeld. De beginsituatie en de noodzaak voor de beoogde ontwikkeling zijn helder verwoord. De commissie constateert, net als De Modestraat zelf, dat de organisatie meer inkomsten, politiek draagvlak en een sterkere interne organisatie nodig heeft. De einddoelen zijn echter weinig concreet uitgewerkt, waardoor de haalbaarheid door de commissie lastig is te toetsen.

Zoals hierboven al aangegeven, verwacht de commissie niet dat het realistisch is om te verwachten dat de eigen inkomsten versterkt worden door in te zetten op verhuur van meer vierkante meters, horeca en sponsorwerving. De commissie ziet wel dat zinvol kan zijn om het terras en de buitengevel opnieuw in te richten omdat dit de zichtbaarheid van de horeca vergroot en daardoor ook de horeca-omzet zou kunnen groeien.

Het aantrekken van een coach voor accountmanagement voor versterking van de organisatie vindt de commissie zinvol. Omdat het gebied waarin De Modestraat opereert in transformatie verkeert, is een meer strategische benadering geboden van de grote stakeholders die de toekomst van het Buikslotermeerplein bepalen. Om dezelfde reden vindt de commissie ook het opstellen van een plan om in de stadsdeelpolitiek zichtbaarder te zijn een geschikt instrument. Een dergelijk plan is een logische uitkomst van het traject dat met de coach voor accountmanagement wordt ingezet. Ook het coachen van de vrijwillige boekhouder kan naar mening van de commissie zinvol zijn. Voor het coachen van de nieuw aan te nemen horecamedewerker ziet de commissie daarentegen weinig noodzaak: het is zinvoller een ervaren horecamedewerker aan te trekken.

Publieksbereik

De commissie beoordeelt het publieksbereik als voldoende. De commissie constateert dat het bereik voor de artistieke activiteiten die De Modestraat realiseert bescheiden is, maar past bij de kleinschaligheid van de activiteiten. Er is natuurlijke aanloop en het lukt steeds beter om buurtbewoners te trekken, ook omdat in het pand tevens een wereldrestaurant, een kapper, een koffiehoek en een tweedehands ruilboetiek gevestigd zijn. De Modestraat bereikt een publiek dat divers is samengesteld in zowel leeftijd als culturele achtergrond. Bijzonder is dat ook ouderen goed worden bereikt met activiteiten als Sweet 70 en de Rebellenclub. De geplande groei in publieksaantallen voor de culturele activiteiten is bescheiden en oogt daarmee realistisch.

De Modestraat geeft in het plan een heldere beschrijving van de beoogde doelgroepen. De doelgroepen worden echter niet concreet aan activiteiten gekoppeld. Dit vindt de commissie een gemis. De Modestraat voert regelmatig publieksonderzoek uit. Hieruit komt naar voren dat de organisatie vooral nog winst kan behalen in het trekken van publiek onder de 50 jaar, studenten en mensen met een migratie-achtergrond. De re-branding om de Modestraat te transformeren naar DEMO wordt ondersteund met een vernieuwde website die door de vormgeving een jonge doelgroep moet gaan aanspreken. Onduidelijk is echter hoe de organisatie jongeren naar deze website zal trekken.

De Modestraat merkte in de aanvraag publieksbereik als ontwikkeldoel aan. Daarom wordt binnen dit criterium tevens de kwaliteit van de ontwikkeling beoordeeld. De beginsituatie, noodzaak en doelen zijn voor de commissie helder. De Modestraat wil haar zichtbaarheid vergroten, haar community verstevigen, meer bezoekers en deelnemers met een cultureel diverse achtergrond bereiken en activeren en het bereik van projecten van makers vergroten. De commissie onderschrijft deze noodzaak. De einddoelen acht de commissie echter te algemeen beschreven, waardoor de commissie niet kan beoordelen of deze realistisch zijn. Evengoed ziet de commissie dat de voorgestelde instrumenten wel degelijk impact kunnen hebben op de zichtbaarheid van De Modestraat. Tot deze instrumenten behoren plannen om de vindbaarheid van de website te optimaliseren, open ateliers te organiseren, Mooimaker-sessies met de community te realiseren, jaarlijks publieksonderzoek te doen, de programmering te integreren in de horeca en kennis op te doen over diversiteitscommunicatie. Dit vindt de commissie geschikte instrumenten om bij te dragen aan de realisatie van de gestelde einddoelen.

Veelzijdigheid van het cultuuraanbod in de stad

De bijdrage aan de veelzijdigheid van het Amsterdamse cultuuraanbod beoordeelt de commissie als voldoende. De commissie constateert dat de programmering van De Modestraat vooral binnen de disciplines theater en beeldende kunst valt. In het Kunstenplan zijn veel organisaties opgenomen die zich bezighouden met deze disciplines. In vergelijking met de meeste van deze andere organisaties onderscheidt De Modestraat zich door zich in haar hele programmering succesvol te verbinden met de buurt.

Conclusie en hoogte van de subsidie

De commissie ziet de noodzaak voor verdere ontwikkeling van De Modestraat, maar vindt dat de aanpak meer focus nodig heeft om succesvol te zijn. Het plan bevat veel ideeën en uitwerkingen. De einddoelen lopen uiteen van klein tot behoorlijk groot en zijn volgens de commissie niet allemaal even realistisch. Handhaving van het bestaande activiteitenniveau vindt de commissie dan ook passend, uitbreiding niet. Verder gaf de commissie bij de zakelijke beoordeling aan geen reden te zien om coaching van de horecamedewerker te financieren. De commissie adviseert derhalve dit instrument niet te honoreren. De commissie adviseert om voor De Modestraat het subsidieniveau uit de periode 2017-2018 te handhaven.

Op grond van bovenstaande overwegingen adviseert de commissie de aanvraag van vereniging De Modestraat gedeeltelijk te honoreren voor een bedrag van gemiddeld € 60.000 per jaar, waarvan € 13.790 per jaar voor de uitvoering van de ontwikkelactiviteiten en € 46.210 per jaar voor de reguliere activiteiten.

De aanvraag van vereniging De Modestraat is beoordeeld binnen de adviescommissie Visuele kunsten.