Flamenco Biënnale Nederland

Dans
Aangevraagd: € 87.500
Toegekend: € 87.500
Toegekend '17-'20: € 58.351

Inleiding

De Flamenco Biënnale Nederland (Flamenco Biënnale) is een internationaal muziek- en dansfestival, dat al zeven edities de flamenco als kunstvorm centraal stelt. De programmering bestaat in de woorden van de aanvrager uit programma’s met een gedurfd karakter, van de top en voorhoede van artiesten uit muzikale culturen van over de wereld en geeft een staalkaart van de nieuwste ontwikkelingen in het genre. Met haar creaties en (co)producties, toont de Flamenco Biënnale de kunstvorm in dialoog met andere disciplines en culturen. De Flamenco Biënnale  organiseert in het tussenliggende jaar de Intermezzo Flamenco Serie. Dit omvat concerten en concerttournees in Nederland en buurlanden, die in de geest van het festival flamenco op het snijvlak van traditie en experiment toont, inclusie-voortrajecten, ontwikkeling inclusieprojecten en residencies. Intermezzo Flamenco vormt qua inhoud en vorm een schakel tussen de festivaledities, en is artistiek en publicitair een opmaat naar de Biënnale.

In de komende periode toont de Flamenco Biënnale de kunstvorm in kruisbestuiving met hedendaagse dans en muziek, jazz en andere muzikale werelden, waar ze mogelijk ooit uit ontsproten is. Daarmee wil de Flamenco Biënnale ook een kruisbestuiving van publieksdoelgroepen bewerkstelligen.
Met een verdiepend context- en educatieprogramma wil de organisatie de bezoeker een totaalervaring geven.

Flamenco Biënnale Nederland ontvangt een vierjarige subsidie 2017-2020 binnen het Kunstenplan van € 58.351 per jaar (incl. indexatie 2020). 
Voor de periode 2021-2024 vraagt de organisatie bij het AFK een bijdrage van gemiddeld 
€ 87.500 per jaar in het kader van het Kunstenplan.


Artistiek belang

De commissie beoordeelt het artistiek belang als goed.
De Flamenco Biënnale is volgens de commissie sterk in haar artistieke eigenheid. Het festival heeft een herkenbare artistieke signatuur als genrefestival dat de vernieuwing in de flamenco als kunstvorm laat zien, zonder met de traditie te breken. Het festival is geworteld in de rijke traditie van de flamenco en wil volgens eigen zeggen bovenal een vrijplaats zijn waar de grenzen van de traditie worden opgerekt door kruisbestuivingen met andere kunstdisciplines. Het festival haalt de internationale flamencotop naar Nederland en is initiator en aanjager van (internationale) samenwerkingen die leiden tot nieuwe producties. De commissie vindt dat het festival daar op originele wijze uitvoering aan geeft.
Deze artistieke signatuur werkt zichtbaar door in de programmaonderdelen van de festivaledities in de komende periode. Er spreekt een grote mate van bevlogenheid uit deze plannen, die zijn gekleurd door een persoonlijke interesse van de oprichter in de relatie tussen traditie en avant-garde kunstprincipes. De originaliteit van het festival manifesteert zich in makers en producties die niet elders in Nederland te zien zijn en nieuwe producties die worden ontwikkeld met verrassende verbindingen tussen makers en ensembles. De commissie vindt de cross-overs tussen de traditionele flamenco en hedendaagse dans en de muzikale uitwisselingen met de Arabische cultuur en jazz interessant. Daarbij vindt ook uitwisseling plaats tussen een oude en nieuwe generatie makers. De samenwerking met Israel Galván, een vernieuwende maker die klassieke tradities herinterpreteert, is daarbij volgens de commissie een goed voorbeeld is voor waar het festival artistiek gezien voor staat. 

De artistieke betekenis voor het beoogde publiek komt volgens de commissie overtuigend uit de aanvraag naar voren. De Flamenco Biënnale verliest met haar vernieuwende programmering de toegankelijkheid voor een breed publiek niet uit het oog. Dit blijkt volgens de commissie uit de wijze waarop de organisatie vanuit de artistieke inhoud de verbinding aangaat met het publiek. In de aanvraag zijn diverse soorten publieksgroepen onderscheiden waarbij duidelijk is omschreven welke programmaonderdelen passend bij hun voorkeuren zijn. In aansluiting op de culturele behoeften van diverse typen bezoekers wordt ruimte geboden om op verschillende delen van het programma in te stappen, aansluitend bij diverse interesses. De aandacht voor de artistieke wisselwerking met het publiek vindt de commissie ook mooi passend bij wat zo eigen is aan flamenco als kunstvorm, waarvan de betekenis tot stand komt in een directe expressieve dialoog tussen uitvoerenden en publiek. In het programma komt dit bijvoorbeeld tot uitdrukking in innovatieve programma’s voor de geoefende bezoeker, cross-overprogramma’s voor liefhebbers van een bepaald dans- of muziekgenre of speciaal ontwikkeld aanbod voor mensen met een beperking. Met het uitgebreide contextprogramma, bestaande uit onder meer workshops en openbare masterclasses, wordt de verdieping gezocht met het publiek en wordt de festivalbeleving verrijkt.  

De artistieke ontwikkeling van Flamenco Biënnale vindt de commissie duidelijk gerelateerd aan de voorgaande periode. De organisatie wil vanuit de artistieke inhoud haar voorlopers-positie behouden en bestendigen. In de komende periode ontwikkelt het festival door op eerdere thema's en principes als Íconen, Pioniers, Flamenco en Oriënt. Uitwisselingen tussen (inter)nationale partijen worden verder uitgediept. Verder innoveert het festival door bijvoorbeeld programmering rond actuele (gender- en sociale) thema's, maar ook door betrokken flamencokunstenaars te inspireren tot het maken van hedendaagse vernieuwende danskunst. Er wordt geïnvesteerd in het behouden van originaliteit en inventiviteit, door actief nieuwe ontwikkelingen en interessante makers te blijven volgen. Tussentijds maakt de organisatie de resultaten van dit onderzoek ook voor het publiek zichtbaar in de Intermezzo Flamenco Serie.
De artistiek leider heeft zich volgens de commissie als een sterke curator en opdrachtgever ontwikkeld. Dat blijkt onder meer uit de producties uit afgelopen periode die door haar keuze in makers en samenwerkingspartijen een diversiteit aan dansopvattingen hebben voortgebracht. Daarbij is een aandachtspunt dat deze artistieke ontwikkeling ook breder in de organisatie geborgd moet worden. Daar ziet de commissie nu weinig reflectie op. 


Belang voor de stad

De commissie beoordeelt het belang voor de stad als goed.
De Flamenco Biënnale verbindt zich in de ogen van de commissie overtuigend met de stedelijke samenleving. Die verbinding spreekt uit een maatschappelijk georiënteerd artistiek beleid, met participatie benoemd als de essentie van flamenco. Dat vertaalt zich in speciale programma’s, zoals het succesvolle programma Flamenco Inclusivo, dat zich richt op bewoners in de stad die extra aandacht nodig hebben. In de komende periode wordt die verbinding met bewoners fijnmaziger. Flamenco Inclusivo wordt doorontwikkeld voor mensen met een beperking en er staan community-projecten op stapel: Flamenco Social voor jongeren en Flamenco Solidario gericht op geïsoleerde ouderen. Er wordt daartoe met veel culturele en maatschappelijke organisaties samengewerkt die de verbinding met deze bewoners al hebben, zoals Cordaan, Muziek in Huis en buurt- en verzorgingstehuizen. 

De Flamenco Biënnale levert een goede bijdrage aan de spreiding van het aanbod en publiek in de stad. De organisatie is, met uitzondering van Zuid en Zuidoost, in alle stadsdelen actief, waarbij het merendeel van de activiteiten en bezoeken worden gerealiseerd buiten de stadsdelen Centrum en Zuid. Met de participatieprojecten voor komende periode richt de Flamenco Biënnale zich daarbij nog intensiever op publiek in West en Nieuw-West. Daarnaast staan er pop-upvoorstellingen in de openbare ruimte gepland die in alle stadsdelen toegankelijk voor publiek zullen zijn.

De Flamenco Biënnale heeft als eigen accent gekozen voor het thema Wereldstad. De commissie vindt evident dat de organisatie een internationale voorloperspositie heeft als enige festival rondom dit genre. De Flamenco Biënnale geeft aan door de internationale artistieke samenwerking, residencies en kennisuitwisseling bij te dragen aan de stad. In het plan is dit niet inhoudelijk uitgewerkt. De commissie heeft er echter voldoende vertrouwen in dat de Flamenco Biënnale door haar ambassadeursfunctie en platform voor internationale samenwerkingen en coproducties, die bijdrage ook zal weten waar te maken. 


Uitvoerbaarheid

De commissie beoordeelt de uitvoerbaarheid als voldoende.
De commissie heeft vertrouwen in het realisme en de uitvoerbaarheid van het ondernemingsplan voor wat betreft werkwijze, organisatie en vakmanschap. De Flamenco Biënnale heeft inmiddels veel ervaring opgebouwd in het produceren van het festival waarbij een grote productiekwaliteit is getoond. De omvang van de beoogde activiteiten vindt de commissie wel groot in verhouding tot het bestaande beperkte kernteam. Ze vindt het terecht dat er plannen zijn voor uitbreiding daarvan. Het wekt vertrouwen dat de programma’s voor komende periode in samenwerkingen tot stand komen met sterke artistieke partners als onder meer de Cello Biënnale Amsterdam, ICK, November Music en Meervaart Theater. 
De intermezzi in de jaren dat er geen festival plaatsvindt zijn er op gericht om het internationale netwerk van artiesten actief te blijven betrekken en om talent te blijven scouten ten behoeve van de reguliere programmering. De commissie ziet dat het arbeidsintensief is om deze intermezzi in stand te houden naast het festival, maar begrijpt dat het nodig is om de huidige voortrekkersrol van het festival te behouden. 
Een grote kracht van het festival is in de ogen van de commissie het vakmanschap van de oprichtster en artistiek leider. Het smalle draagvlak in expertise en organisatiekracht maakt de organisatie wel kwetsbaar. Dat de zakelijke leiding is verstevigd is al een goede stap in de richting van het versterken van de organisatie. Het geplande co-curatorschap kan wellicht de benodigde extra menskracht op artistiek vlak binnen brengen, maar de commissie krijgt hier uit de beschrijving in het plan nog geen zicht op. 

De commissie vindt dat de bedrijfsvoering voldoende gezond is om de beoogde voornemens uit te voeren. Om de organisatie op langere termijn effectief te laten functioneren en de brede scope aan activiteiten en de groeiambities te kunnen dragen, ziet de commissie, net als de organisatie zelf, dat een uitbreiding in fte noodzakelijk is. Er is in de plannen echter niet te lezen op welke wijze de bestendiging van de organisatie vervolgens plaats zal vinden, en wat er in de organisatie aan ontwikkeling nodig is in relatie tot deze groei.
Het plan geeft geen duidelijke risicostrategie aan. De commissie beoordeelt de risico’s als beperkt doordat er sprake is van een redelijke vermogenspositie die voldoende groot is om tegenvallers op te vangen. De commissie vindt het tevens vertrouwen wekken dat er afgelopen periode geïnvesteerd is in samenwerking met buitenlandse partners om het afzetgebied voor de eigen producties en de financiering van coproducties te vergroten. 

De begroting is realistisch en passend bij de plannen, al had de commissie op een aantal punten graag meer toelichting gezien. De schaalsprong in de totale lasten van komende periode ten opzichte van voorgaande periode vindt de commissie bijvoorbeeld niet goed onderbouwd, al passen de kosten van de komende periode wel bij de beschreven activiteiten.
De financieringsmix van de Flamenco Biënnale is lovenswaardig. Er is sprake van een succesvolle financieringsstrategie, die resulteert in veel bijdragen van fondsen. De beoogde stijging in de publieksinkomsten acht de commissie gezien de diversiteit van het programma-aanbod en het grote aantal speelplekken haalbaar. 

De commissie vindt het marketingplan realistisch en passend om het beoogde huidige publiek van liefhebbers te bereiken, maar mist een duidelijke strategie gericht op nieuw publiek. Het plan geeft een goede analyse van de doelgroepen, waarbij er duidelijk wordt gekozen voor een brede benadering door te segmenteren in ‘behoudend herhaalbezoek’, ‘avontuurlijk herhaalbezoek’ en ‘nieuw publiek’. De organisatie geeft niet aan waar binnen deze doelgroepen publieksgroei te behalen valt. Het is nu niet duidelijk op welke wijze specifieke marketingmiddelen voor deze verschillende doelgroepen worden ingezet. De marketinginstrumenten zijn erg globaal beschreven, zoals het ontwikkelen van contextprogramma’s of inzetten van ambassadeurs. 


Diversiteit en inclusie

De commissie beoordeelt de bijdrage aan diversiteit en inclusie als voldoende. 
De commissie is van mening dat de Flamenco Biënnale met haar programma bijdraagt aan de culturele diversiteit van het Amsterdamse cultuuraanbod. Het festival grijpt de interculturele achtergrond van de flamenco aan om in het programma verbindingen te leggen met een keur aan andere (niet-westerse) culturele invalshoeken en tradities, en schuwt daarbij het experiment niet. In de programmering voor de biënnales in komende periode is bijvoorbeeld ruime aandacht voor landen en culturen die aan de basis stonden van het genre, zoals Noord-Afrikaanse en Midden-Oosterse invloeden. Dit is onder meer herkenbaar in de programma’s Flamenco & Oriënt en in het samenwerkingsproject met November Music waarin een brug geslagen wordt tussen Oost en West. Op deze manier profileert de Flamenco Biënnale zich vanuit artistiek inhoudelijke uitgangspunten ook als een podium voor interculturele dialoog, wat de commissie een grote verdienste vindt. 

De commissie ziet in het ondernemingsplan dat de Flamenco Biënnale een bijdrage wil leveren aan het bereiken van een cultureel divers samengesteld publiek, maar vindt er nog geen overtuigend plan voor. De Flamenco Biënnale benoemt wel nieuwkomers en Nederlanders met een migratieachtergrond als doelgroep. Deze breed gedefinieerde doelgroepen wil de organisatie benaderen door het realiseren van een programmering waarin kruisbestuiving tussen culturen plaats vindt. De Flamenco Biënnale wil via representanten van deze doelgroepen dit publiek verleiden tot bezoek aan het festival, maar erg concreet vindt de commissie dit nog niet. 

De Flamenco Biënnale geeft aan een uitdaging te zien in het realiseren van een divers personeelsbestand. Ook de Raad van Toezicht is naar eigen zeggen nog te eenzijdig samengesteld. De organisatie geeft aan dat ze zich daarop moet gaan toeleggen en probeert via het netwerk van samenwerkingspartners te werven. De commissie vindt dat er daarmee nog geen visie op de diversiteit van het personeelsbestand en Raad van Toezicht is en geen zicht op de concrete stappen die in de komende periode worden gezet.  


Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van de Flamenco Biënnale Nederland te honoreren met het gevraagde subsidiebedrag van € 87.500 per jaar.

De aanvraag is beoordeeld binnen de adviescommissie Dans.
Daarbij is mede gebruik gemaakt van een co-advies van de adviescommissie Muziek en Muziektheater. 

Adviseur Peter van der Hoop heeft niet deelgenomen aan de beraadslaging.