Stichting Doek

Muziek/Muziektheater
Aangevraagd: € 73.640
Toegekend: € 0
Toegekend 2013-2016: n.v.t.

Inleiding

Stichting de Oefening de Kunst (verder Stichting Doek) profileert zich als een collectief van improviserende musici. De stichting richt zich op het ontwikkelen, bevorderen, verspreiden en doorgeven van improvisatiemuziek, in wisselwerking met haar omgeving. Doek staat voor een manier van improviseren, waarbij ook de compositorische structuur onderwerp van het improviseren is. De stichting richt zich op het maken en presenteren van improvisatiemuziek van hoog niveau, door middel van een ontwikkeling, concerten en het jaarlijkse Doekfestival. Er wordt gezocht naar verbindingen, zoals samenwerkingen met het Eddie the Eagle Museum, EYE, Muziekgebouw aan ’t IJ en uitwisselingen met musici in andere steden. Daarnaast ligt de focus op talentontwikkeling en kennisoverdracht, door de verbintenis als mentor, coach en docent van de musici aan onder andere de Dutch Impro Academy.

In de periode 2017-2020 wordt ingezet op verschillende ontwikkelingen: het aangaan van internationale allianties van langere duur om daarmee de internationale uitwisseling van musici te bevorderen, het ontwikkelen van een groeiend online publiek en een groei in de muziek op het vlak van diversiteit in genre. Daarnaast verwacht Doek van de twee nieuwe jonge Doek leden (Jasper Stadhouders en Kaja Draksler) naast continuering ook innovatieve manieren van werken binnen de stichting. Er zal meer aandacht en geld besteed worden aan acquisitie om, naast het realiseren van boekingen, contacten op te bouwen met programmeurs en samen publiek te bereiken alsook financiële risico’s te delen. Eigen inkomsten zullen gegenereerd worden door eigen concerten te blijven organiseren.

Stichting Doek streeft ernaar om als organisatie een weerspiegeling te zijn van de huidige improvisatiescene en naast de traditie van het improviseren open te staan voor andere benaderingen en onbekend terrein. Er wordt een subsidiebedrag aangevraagd van € 73.640 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als voldoende. Stichting Doek vertegenwoordigt een scala aan hoogwaardige Amsterdamse improvisatie acts en organiseert jaarlijks een festival dat de nieuwste ontwikkelingen in het genre presenteert. De visie van de organisatie bouwt voort op wat in de voorgaande jaren is gerealiseerd en kenmerkt zich niet door een gericht artistiek beleid, anders dan dat het de aangesloten musici gelegenheid biedt op te treden in binnen- en buitenland en zichzelf verder te ontwikkelen. De visie geeft geen beeld van de artistiek-inhoudelijke ontwikkelingen die de organisatie beoogt op de langere termijn, in relatie tot de positie die de organisatie inneemt binnen de sector, discipline of culturele keten.

De commissie ziet de improvisatiescene als een kleine, maar wereldwijd verspreide niche van muzikale geestverwanten die voortbouwen op de vrije improvisatie ideeën zoals die in de jaren ‘60 en ‘70 zijn ontstaan. In Nederland is Doek een representant van die gemeenschap. In het collectief is een aantal musici actief als lid. Deels gearriveerd met een grote staat van dienst, deels jonge musici die als het ware de oude improvisatie-ideeën herontdekken en ermee op hun eigen manier aan de haal gaan. Het vakmanschap van de leden is goed: het zijn uitstekende musici en meesters in het improvisatievak.

Waarom juist deze musici samenkomen bij Doek of waarom er gekozen wordt voor die specifieke twee nieuwe jonge musici, wordt niet gemotiveerd. Ook mist de commissie een uitwerking van de ideeën achter deze keuzes. De werkwijze van de organisatie beperkt zich tot de vrij gesloten wereld van de improvisatiemuziek en de buitenwereld wordt daarin niet opgezocht. De commissie mist nieuwe ideeën of een ander perspectief waarmee deze niche opengebroken kan worden.
De organisatie heeft een herkenbaar artistiek-inhoudelijk profiel en is onderscheidend in de vrije opzet, maar wat precies gedaan wordt, hoe en waarom, komt niet in het plan aan de orde. De commissie is van mening dat de zeggingskracht gegroeid is: waar de activiteiten voorheen introvert van aard waren, heeft de afgelopen periode laten zien dat de concerten het publiek goed weten aan te spreken.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. De aangeleverde begroting is niet te koppelen aan de activiteiten en ook de relatie tot de gevraagde bijdrage is onduidelijk voor de commissie. Het valt op dat de organisatie meer subsidie nodig heeft, maar waarom wordt niet toegelicht. Het eigen vermogen van de stichting is negatief en de continuïteit van de stichting is hiermee onzeker. Daar gaat het ondernemingsplan niet op in.

De beheerslasten zijn hoog voor een relatief kleine organisatie als Stichting Doek en in vergelijking met gelijkaardige initiatieven. Dit in tegenstelling tot dat wat in het ondernemingsplan wordt aangegeven. Bovendien constateert de commissie dat de beoogde besparingen niet resulteren in betere cijfers. Het is goed dat de organisatie in het ondernemingsplan een risico analyse heeft opgenomen. Dat weerspiegelt een realistische blik. Echter, voor de komende periode wordt er sterk geleund op subsidie. Dat is in de ogen van de commissie niet de oplossing om tot een gezonde financieringsmix te komen.

Stichting Doek werkt met een bestuur, conform de Governance Code Cultuur. De organisatie heeft  een concrete visie en aanpak op de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als voldoende. Het ondernemingsplan verwoordt geen visie op en investeringen in duurzame opbouw van publiek. Enkel de doelgroepen van Stichting Doek worden omschreven en er wordt aangegeven dat er met de marketingstrategie wordt ingezet op kwaliteit, maar niet op kwantiteit. Wat dat precies betekent, is niet gemotiveerd. De commissie constateert dat de organisatie in de praktijk goed in staat is om het bestaande, geïnteresseerde publiek vast te houden. Echter, het betreft een klein publiek. Doek speelt hier op in door te gaan werken met nieuwe presentatiemodellen, waarmee een breder publiek kan worden aangesproken. Wat die nieuwe vormen van presentatie inhouden, wordt niet toegelicht in het ondernemingsplan. De commissie merkt op dat het festival succesvol is met het aanspreken van nieuwe doelgroepen en het bereiken van een breed publiek. Dit vindt niet zijn weerslag in de reguliere programmering.

Verder vermeldt de organisatie 100% meer bezoekers online te gaan bereiken, maar ook dit wordt niet inzichtelijk gemaakt. Online kan volgens de commissie een belangrijk podium zijn voor Stichting Doek, maar strategie hiervoor mist.

Er is in de afgelopen jaren geen publieksonderzoek gedaan. Concurrenten worden niet expliciet benoemd in de aanvraag en er is geen sprake van een concurrentieanalyse. De bijdrage aan het bereik van een cultureel divers publiek in de stad (via programmering en/of marketing), wordt in de aanvraag niet belicht.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als voldoende. Hoewel het bereik beperkt is, is stichting Doek ingebed in het Amsterdamse veld en echt van de stad. De organisatie draagt bij aan een samenhangende Amsterdamse cultuursector door coalities en verbindingen met samenwerkingspartners in de stad. De organisatie verbindt zich niet met stedelijke vraagstukken, bewoners of de buurt en/of andere maatschappelijke organisaties in de stad.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. Het overgrote deel van de activiteiten en het bereik vindt plaats buiten het stadsdeel Centrum en stadsdeel Zuid.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van Stichting Doek niet te honoreren.